Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6

Artikel 6.12.2.

Persoonsgebonden budget bij roerende woonvoorzieningen

Onderdeel van Verstrekkingenboek maatschappelijke ondersteuning Opsterland 2011

Een niet bouwkundige of niet woontechnische woonvoorziening, zoals bedoeld in artikel 15 onder c van de Verordening, kan ook in de vorm van een persoonsgebonden budget worden toegekend. Het bedrag van het persoonsgebonden budget is gelijk aan 100 % van de kosten voor de goedkoopst adequate voorziening, vermeerderd met instandhoudingskosten (indien van toepassing). Voor het bepalen van de goedkoopst adequate voorziening zal een offerte opgevraagd worden bij de leveranciers die de gemeente Opsterland ook bij verstrekking in natura inschakelt. De met de leverancier overeengekomen kortingspercentages zijn ook van toepassing op de hoogte van het PGB. Er is uitsluitend sprake van instandhoudingskosten bij elektromechanische roerende woonvoorzieningen, zoals tilliften. Het bedrag voor het persoonsgebonden budget aan instandhoudingskosten wordt gebaseerd op de economische levensduur van de voorziening maal het normbedrag voor keuring, reparatie en onderhoud per jaar (zie Financieel Besluit artikel 6 lid 2 sub d). De aanvrager is zelf verantwoordelijk voor het onderhoud en eventuele reparaties. Het persoonsgebonden budget voor instandhoudingskosten wordt jaarlijks overgemaakt. De aanvrager hoeft geen verantwoording af te leggen over de besteding van het PGB voor instandhoudingskosten. Eventuele bedragen die overgehouden worden in een jaar mogen gereserveerd worden voor eventuele extra kosten in de jaren die volgen. Bij roerende woonvoorzieningen gaat de gemeente Opsterland uit van een afschrijvingsduur van 7 jaar. Dit betekent dat het persoonsgebonden budget wordt toegekend voor een periode van 7 jaar. Indien de verstrekte voorziening na afloop van de afschrijvingsduur economisch gezien echter nog goed functioneert, wordt het PGB voor de instandhoudingskosten verlengd. Het bedrag wordt beschikbaar gesteld aan de budgethouder. Binnen 6 maanden na uitbetaling dient de verantwoording van het persoonsgebonden budget door de budgethouder aan de gemeente Opsterland plaats te vinden. De gemeente Opsterland behoudt het recht op controle van de voorziening. De verantwoording van dit persoonsgebonden budget vindt plaats conform de wijze van verantwoording van het PGB zoals benoemd in paragraaf 4.2.4.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel