Een aanvraag voor een autoaanpassing wordt in principe slechts verstrekt indien dit de goedkoopst adequate voorziening is. Autoaanpassingen worden in principe alleen vergoed, wanneer die het algemeen gebruikelijke karakter van een auto te boven gaan. Het betreft dus specifiek voor gehandicapten ontwikkelde aanpassingen.
Autofaciliteitendaarentegen zijn de niet speciaal voor gehandicapten ontwikkelde voorzieningen die in principe niet vergoed worden. Veel faciliteiten zijn op dit moment al standaard in auto's ingebouwd, zonder dat dit invloed heeft op de prijs. Een aantal faciliteiten is daarom verkrijgbaar in auto-uitvoeringen met eenzelfde aanschafprijs als die van de referentieauto. De referentie auto heeft een prijs die is afgeleid van het normbedrag dat het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekingen (UWV) heeft vastgesteld voor de referentieauto oftewel de algemeen gebruikelijke aanschafprijs van een auto. Als dit het geval is, zal van vergoeding geen sprake kunnen zijn: men moet de goedkoopst adequate auto kiezen. Leidt de noodzakelijke aanschaf van een (of meerdere) faciliteit(en) echter wel tot een prijsverhoging boven de prijs van de referentieauto, dan kan het prijsverschil als voorziening vergoed worden.
Het kan voorkomen dat er in verband met de autoaanpassing een andere auto aangeschaft moet worden. Een auto wordt in principe beschouwd als algemeen gebruikelijk. In sommige gevallen volstaat een standaard-auto echter niet, waardoor er sprake kan zijn van meerkosten. In een aantal situaties kunnen deze meerkosten op grond van de Wmo vergoed worden. De eventuele meerkosten worden vastgesteld op het verschil tussen de kosten van de goedkoopst adequate auto volgens het programma van eisen en het totaal van de waarde van de referentie-auto en de opbrengst van de inruil van de “oude” auto. De referentie-auto is volgens het Besluit Beleidsregels UWV normbedragen voorzieningen een standaard type auto met standaard faciliteiten.
Voorbeelden van faciliteiten die wel als algemeen gebruikelijk worden gezien zijn:
- automatische transmissie;
- elektrische ruitenwisser en sproeier achter;
- driepuntsgordels;
- hoofdsteunen;
- lende-steunen voorstoel, verstelbaar;
- kunststoffen bekleding;
- buitenspiegel, van binnenuit verstelbaar;
- elektrisch bediende portierruiten;
- neerklapbare of inklapbare achterbank (i.v.m. meenemen rolstoel);
- uitneembare hoedenplank (i.v.m. meenemen rolstoel);
- derde of vijfde deur (grote achterdeur i.v.m. meenemen rolstoel);
- warmtewerend glas;
- achterruitverwarming;
- verstelbare stuurwielen;
- verstelbare voorstoelen (draaibaar);
- stoffen bekleding van stoelen;
- handgrepen bij de passagiersplaats voorin;
- gelaagde voorruit;
- interval voor ruitenwisser;
- reguliere rembekrachtiging;
- verwarming voorstoel;
- airconditioning;
- stuurbekrachtiging *);
- trekhaak;
- verwarmde buitenspiegel.
*) in een aantal situaties voldoet de stuurbekrachtiging die af-fabriek in de auto zit. Is dit niet het geval, dan is een aanpassing nodig. Dit wordt per geval beoordeeld.
Voor de beoordeling of sprake is van een goedkoopst adequate voorziening dient te worden gelet op de leeftijd van de auto en de kosten van de aanpassing.
Gelet op de economische levensduur van een auto wordt voor een periode van 7 jaar een volledige vergoeding verstrekt. Het is dus een termijngebonden voorziening. Wanneer binnen deze termijn opnieuw een aanvraag wordt gedaan dan kan bij een toekenning maximaal een vergoeding verstrekt worden over de periode waarover reeds afschrijving heeft plaatsgevonden. Voor de nieuwe toekenning gaat een nieuwe termijn van zeven jaar in. In de regel geldt dat de aan te passen auto niet ouder mag zijn dan 5 jaar.
Wanneer de aanvrager beschikt over een leaseauto dan wordt ook een volledige vergoeding verstrekt mits de voorziening overzetbaar is. Ook hier wordt voor een periode van 7 jaar een volledige vergoeding verstrekt.
Wanneer een speciale autostoel de goedkoopst adequate oplossing is, dan kan deze toegekend worden als autoaanpassing. De gebruiksduur van een speciale autostoel kan gesteld worden op 300.000 tot 400.000 kilometer (conform het oude AAW-beleid) of op een gemiddelde van 7 jaar.
Omdat een speciale autostoel met de verwisseling van het frame gemakkelijk van de ene auto in de andere overgezet kan worden, zal meegewogen worden of de stoel bij verplaatsing al aan vervanging toe is.
De hoogte van de kosten van autoaanpassing wordt beoordeeld aan de hand van één of meer offertes ( zie artikel 10 lid 8 sub g Financieel Besluit). Voor de aanpassing van de auto geldt een eigen bijdrage zoals opgenomen in het Financieel Besluit artikel 14 lid 2.
Hoofdstuk 7
Artikel 7.3.
Autoaanpassing
Onderdeel van Verstrekkingenboek maatschappelijke ondersteuning Opsterland 2011