Naar hoofdinhoud
1.. De commissie bestaat uit maximaal vier leden, de voorzitter daaronder begrepen. Bij incidentele afwezigheid van een lid wordt hij/zij vervangen door een deskundige met gelijkwaardig profiel. 2.. De leden worden benoemd op persoonlijke titel op grond van de professionele deskundigheid die nodig is voor de advisering, alsmede op grond van maatschappelijke kennis en ervaring. 3.. In afwijking van het tweede lid kan maximaal één burgerlid en zijn/haar plaatsvervanger worden benoemd. Zij worden benoemd op persoonlijke titel op grond van maatschappelijke kennis en ervaring. 4.. De commissie telt gelet op artikel 17.9, eerste lid, van de wet enkele leden deskundig op het gebied van de monumentenzorg. 5.. De disciplines die de leden in gezamenlijkheid vertegenwoordigen zijn ten minste cultuurhistorie, bouwen architectuurhistorie, restauratiearchitectuur, landschap, stedenbouw, architectuur. 6.. De leden en de plaatsvervangers zijn niet werkzaam onder verantwoordelijkheid van het gemeentebestuur. 7.. De commissie wordt bijgestaan door een gemeentelijke plantoelichter of diens plaatsvervanger.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel