Naar hoofdinhoud
1. Toehoorders (publiek) en vertegenwoordigers van de pers wonen de hamerraadsvergadering uitsluitend bij op de voor hen bestemde plaatsen. 2. Van toehoorders en pers wordt verwacht dat zij in stilte de hamerraadsvergadering bijwonen. Zij geven ook géén tekenen van goed- of afkeuring en verstoren de orde niet van hamerraadsvergaderingen. 3. De voorzitter is bevoegd, wanneer de orde in de hamerraadsvergadering op enigerlei wijze door toehoorders wordt verstoord, deze en zo nodig andere toehoorders te doen (laten) vertrekken. 4. De voorzitter is bevoegd toehoorders, die bij herhaling de orde in de hamerraadsvergadering verstoren, voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de hamerraadsvergadering te ontzeggen.

Rechtspraak bij dit artikel