De achtergrondgehalten PFAS zijn binnen de regio IJsselland niet bepalend voor het grondverzet (zie subparagraaf 2.3.1). Deze liggen namelijk in de bovengrond en ondergrond onder de achtergrondwaarden (Landbouw/Natuur). Wel zijn er binnen de gemeenten Hardenberg en Steenwijkerland een aantal locaties waar de gehalten PFAS de maximale hergebruikswaarden overschrijden (subparagraaf 3.5.1). De oorzaak daarvan is niet duidelijk. Binnen de gemeente Steenwijkerland zijn hierbij lokaal gehalten boven de INEV-waarden aangetoond. Voor deze locaties geldt een saneringsplicht tot de INEV-waarden.
Deelgebieden (zie subparagraaf 3.5.1 en 3.5.2) met een afwijkende kwaliteit ten aanzien van PFAS zijn:
De Marke III te Mariënberg
’t Refter te Sibculo
Bedrijventerrein Rollepaal te Dedemsvaart
Kornputkwartier te Steenwijk
Steenwijk Zuidoost (Betap Crilux)
Eesergaard te Steenwijk
Het RIVM heeft op 5 maart 2020 voorlopige interventiewaarden voor PFAS-verbindingen gerapporteerd; zogeheten INEV’s (Indicatieve Niveaus voor Ernstige Verontreiniging).4Toelichting op Indicatieve Niveaus voor Ernstige Verontreiniging (INEV) PFAS voor grond en grondwater, RIVM d.d. 5 maart 2020 Op 20 juli 2021 heeft het RIVM de risicogrenswaarden aangepast5Memo risicogrenzen ten behoeve van de vaststelling van Interventiewaarden voor PFOS, PFOA en GenX, RIVM d.d. 20 juli 2021, welke vanaf 2 mei 2022 de INEV-waarden uit 2020 hebben vervangen6Verzamelbrief bodem en ondergrond, Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, IENW/BSK-2022/49580, d.d. 2 mei 2022. Als de INEV-waarde wordt overschreden, is dit een indicatie voor een ernstige verontreiniging. De INEV-waarden van PFOS, PFOA en GenX zijn weergegeven in tabel 3.2. Het bevoegd gezag Wet bodembescherming kan de INEV-waarde eventueel gebruiken voor de beoordeling of sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging met PFAS.
Tabel 3.2 Overzicht INEV-waarden PFAS
Stof
INEV grond#
(µg/kg ds)
PFOA
60
PFOS
59
FRD (HFPO-DA)
57
# Op basis van het tijdelijk handelingskader PFAS van Ministerie van I&W vindt voor toetsing aan deze waarde bij gehaltes organische stof tussen 10 % en 30 % bodemtypecorrectie plaats
De gemeenten hanteren (alleen) binnen deze locaties de INEV ook als LMW Wonen/Industrie voor PFAS (zie subparagraaf 3.5.2 en 3.5.3). Uitwisseling van grond met verhoogde gehalten PFAS tussen deze locaties is niet zonder meer toegestaan.
Opgemerkt wordt dat voor de functie Wonen uitgegaan dient te worden van weinig bodemcontact en geen gewasconsumptie7Achtergrondwaarden en risicogrenzen ten behoeve van onderbouwing Maximale Waarden PFAS voor toepassen van grond en baggerspecie, RIVM, 20 juli 2021. Ook dient er (bij toepassing van deze grond) een ‘combitox’ te worden uitgevoerd voor PFAS anders dan alleen PFOS en PFOA. Hierbij worden de gehalten van de overige PFAS omgerekend naar een theoretisch gehalte PFOA. Alleen het gemeten gehalte PFOS en PFOA toetsen volstaat dus niet. Dit is een complexe toetsing die per toepassing dient te worden uitgevoerd door een specialist.
In onderstaande figuur is tabel 4.1 uit de notitie van RIVM7 opgenomen. Uit de laatste kolom blijkt dat de gehanteerde LMW beduidend lager liggen dan de risicogrenzen Industrie. Omdat de LMW hoger liggen dan de risicogrenzen voor Wonen met veel contact en matige gewasconsumptie is voor hergebruik van grond bij de functie Wonen als restrictie gesteld dat er geen gewasconsumptie kan plaatsvinden en dat het bodemcontact beperkt moet zijn (tenzij een leeflaag wordt aangebracht).