In deze verordening wordt verstaan onder:
Administratie:
het systematisch verzamelen, vastleggen, verwerken en verstrekken van informatie ten behoeve van het besturen, het functioneren en het beheersen van (onderdelen van) de organisatie van de gemeente Noordoostpolder en ten behoeve van de verantwoording die daarover moet worden afgelegd.
Administratieve organisatie:
het stelsel van organisatorische maatregelen gericht op het tot stand brengen en het in stand houden van de goede werking van de bestuurlijke en ambtelijke informatieverzorging ten behoeve van de verantwoordelijke leiding.
BBV:
Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (staatsblad 2019, nr. 46)
Doelmatigheid:
het streven om binnen de gestelde kaders met een zo beperkt mogelijke inzet van beschikbare middelen het gewenste resultaat te bereiken.
Doeltreffendheid:
de mate waarin de gemeente erin slaagt met de geleverde prestaties de gestelde doelen of de beoogde maatschappelijke effecten te bereiken.
EMU-saldo:
het geraamde onderscheidenlijk gerealiseerde saldo van de ontvangsten en uitgaven van een provincie onderscheidenlijk een gemeente, berekend op transactiebasis en overeenkomstig de voorschriften van het Europese systeem van nationale en regionale rekeningen in de Europese Unie.
Financieel beheer:
het uitoefenen van bestuur over en toezicht op het beheer van middelen van de gemeente Noordoostpolder.
Financiële administratie:
het onderdeel van de administratie dat omvat het systematisch maken en verwerken van aantekeningen betreffende de financiële gegevens van (onderdelen van) de organisatie van de gemeente Noordoostpolder, teneinde te komen tot een goed inzicht in:
1e de financieel-economische positie;
2e het financiële beheer;
3e de uitvoering van de begroting;
4e het afwikkelen van vorderingen en schulden;
5e alsmede tot het afleggen van rekening en verantwoording daarover.
Kasschuif:
een kasschuif is het overbrengen van exploitatiedekking (baten) in een meerjarenprogrammabegroting, waarbij zodanig geschoven wordt met exploitatiedekking over de vier jaren dat een gelijkmatiger structureel geheel aan baten ontstaat, waardoor er een verruiming ontstaat voor structurele lasten over de vier begrotingsjaren. Het kasschuifbedrag van enig jaar wordt toegevoegd of onttrokken aan de reserve Beleidsplan en de som van toevoegingen en onttrekkingen over de vier begrotingsjaren is nihil.
Investering:
het vastleggen van vermogen in objecten waarvan het nut zich over meerdere jaren uitstrekt. De jaarlijkse lasten worden ten laste van de exploitatie gebracht, dit zijn de rente- en afschrijvingslasten. Een investering is onderdeel van de balans.
Incidentele baten en lasten:
posten die het begrotingssaldo incidenteel beïnvloeden.
Overheadkosten:
alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces.
Overheidsbedrijf:
onderneming met privaatrechtelijke rechtspersoonlijkheid, niet zijnde een personenvennootschap met rechtspersoonlijkheid, waarin de gemeente, al dan niet tezamen met één of meer andere publiekrechtelijke rechtspersonen, in staat is het beleid te bepalen of een onderneming in de vorm van een personenvennootschap, waarin een publiekrechtelijke rechtspersoon deelneemt.
Programma:
een samenhangend geheel van taakvelden en activiteiten.
Specifieke budget:
een door de raad beschikbaar gesteld budget voor de realisatie van een bepaald specifiek doel. Een specifiek budget is onderdeel van de exploitatie en is altijd incidenteel.
Rechtmatigheid:
het voldoen aan wet- en regelgeving.
Financiële rechtmatigheid:
het voldoen aan wet- en regelgeving bij het uitvoeren van financiële beheershandelingen.
Rechtmatigheidsverantwoording (RMV):
de rapportage van het college waarbij aangegeven wordt in welke mate de totstandkoming van de financiële beheershandelingen en de vastlegging daarvan overeenstemmen met de relevante wet- en regelgeving.
Revideren:
als tijdens de uitvoering van enig begrotingsjaar blijkt dat de dekking van specifieke budgetten alsnog kan worden gevonden in de exploitatie, wordt van de begrote onttrekking aan de reserve beleidsplan afgezien en afgeraamd.
Renteomslag:
bij integrale financiering worden de kapitaallasten (rente en afschrijving) van investeringen door middel van een omslagrente toegerekend aan producten en maken deze lasten vervolgens deel uit van de betreffende programma’s.
Taakveld:
eenheden waarin de programma’s zijn onderverdeeld.
Zacht oormerk:
een genummerd budget- of investeringsbedrag in de exploitatie of balans van een begroting, die een raadsmarkering en een hulpmiddel vormt om bij toekomstige besluitvorming de herkomst en plaats van deze middelen te kunnen vaststellen. Door bedragen te ‘oormerken’ mogen ze nergens anders voor gebruikt worden dan voor het beoogde doel, tot dat de raad anders besluit.
IJsvogel:
de IJsvogelmethode houdt in dat op basis van schattingen vóór 31 december van het boekjaar van waaruit moet worden overgeheveld een verzoek aan de raad wordt gedaan het overgebleven budget via een begrotingswijziging toe te voegen aan een bestemmingsreserve "nog uit te voeren werkzaamheden". In het nieuwe boekjaar worden de lasten gedekt door een onttrekking aan deze bestemmingsreserve(s). Voor een rechtmatige aanwending in het nieuwe jaar van de overgehevelde middelen moet de begroting van het nieuwe jaar op de ‘overheveling’ zijn aangepast. Gemeente Noordoostpolder doet dit met de decemberrapportage en niet in de primitieve programmabegroting. Bij het aanbieden van de jaarrekening vinden de slotoverhevelingen plaats en de beschikbaarstelling van deze budgetten door middel van de 2e kwartaalbegrotingswijziging van het nieuwe begrotingsjaar.