Naar hoofdinhoud
1.. De aanslag als bedoeld in artikel 4, eerste lid is invorderbaar in één termijn die vervalt op de laatste dag van de maand volgende op die welke in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld; 2.. De rechten als bedoeld in artikel 1, derde en vierde lid moeten worden betaald: ingeval de kennisgeving als bedoeld in artikel 4, tweede lid mondeling wordt gedaan: op het moment van het doen van de kennisgeving; ingeval deze kennisgeving schriftelijk wordt gedaan: op het moment van uitreiking van de kennisgeving; 3.. De rechten moeten worden betaald, ingeval de kennisgeving wordt toegezonden, binnen dertig dagen na de dagtekening van de kennisgeving.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel