De Omgevingswet stimuleert vroegtijdige participatie, zodat overheden op tijd belangen, meningen en creativiteit op tafel kunnen krijgen. In de Omgevingswet wordt onder een participatieve aanpak verstaan: ‘het in een vroegtijdig stadium betrekken van belanghebbenden (burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en bestuursorganen) bij het proces van de besluitvorming over een project of activiteit’.
In de Omgevingswet, het Omgevingsbesluit en de Omgevingsregeling zijn regels opgenomen over participatie met betrekking tot verschillende (ruimtelijke) instrumenten, zoals de omgevingsvisie, een omgevingsplan en een omgevingsvergunning. Bij de meeste van deze instrumenten is het bevoegd gezag verantwoordelijk voor het naleven van de participatieregels. Bij een omgevingsvergunning ligt de verantwoordelijkheid voor participatie echter bij de initiatiefnemer (zie hiervoor artikel 16.55 van de Omgevingswet en artikel 7.4 van de Omgevingsregeling).
In artikel 7.4 van de Omgevingsregeling staat dat een aanvrager van een omgevingsvergunning bij een aanvraag aangeeft:
Of de aanvrager aan participatie heeft gedaan;
Zo ja: hoe de aanvrager aan participatie heeft gedaan en wat de resultaten zijn.
Het doel van dit aanvraagvereiste is om de initiatiefnemer te stimuleren om na te denken over participatie. Er is echter geen sprake van een verplichting, waardoor het antwoord op de vraag of aan participatie is gedaan ook “nee” mag zijn. Het niet participeren is voor het bevoegd gezag van de gemeente geen reden om te weigeren om een aanvraag in behandeling te nemen en/of buiten behandeling te laten (zie subparagraaf 1.1.2 voor uitzonderingen).
Wel kan de gemeente extra aandacht vragen voor participatie, bijvoorbeeld door:
De initiatiefnemer te stimuleren om (meer) aan participatie te doen.
Bijvoorbeeld door toetsingscriteria mee te geven als wensenpakket (ter inspiratie), zoals het voorstellen om een informatiebrief te sturen, een gesprekstafel te organiseren of een enquête uit te zetten om informatie op te halen;
De participatie verder zelf op te pakken.
Bijvoorbeeld door extra informatie bij (mogelijke) participanten op te halen of door het starten van een zienswijzeprocedure.
Hoofdstuk 1. › Paragraaf 1.1
Artikel 1.1.1
Algemeen
Onderdeel van Beleidsregels Participatie en Uitgebreide procedure Omgevingsvergunning Gemeente Borne 2024