Degene die een activiteit verricht als bedoeld in dit hoofdstuk en weet of redelijkerwijs kan
vermoeden dat die activiteit nadelige gevolgen kan hebben voor de doelen, met het oog waarop de regels in de betreffende paragraaf zijn gesteld, is verplicht:
alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van diegene kunnen worden gevraagd om die gevolgen te voorkomen;
voor zover deze niet kunnen worden voorkomen: die gevolgen zoveel mogelijk te beperken of ongedaan te maken;
als die gevolgen onvoldoende kunnen worden beperkt: die activiteit achterwege te laten voor zover dat redelijkerwijs van diegene kan worden gevraagd.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.1.1
Artikel 3.3
Specifieke zorgplicht
Onderdeel van Verordening fysieke leefomgeving Veere 2024