In Nederland vinden we het belangrijk dat:
mensen actief mee kunnen doen aan het maatschappelijk leven of aan het werk kunnen gaan;
mensen een inkomen hebben waarmee ze rond kunnen komen;
mensen hun financiën op orde hebben;
mensen een eigen huishouding kunnen voeren en voor zichzelf kunnen zorgen;
mensen een geschikte en schone woonruimte hebben, waarin zij zelfstandig en veilig kunnen wonen; en
kinderen gezond en veilig kunnen opgroeien en veilig naar de school kunnen gaan die bij hen past.
Het is de taak van de gemeente om haar inwoners daarbij te helpen. De wetgever heeft wetten gemaakt om dit te bereiken. Het gaat om de:
Participatiewet (PW), de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW) en de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ);
Wet Uitvoeren breed offensief;
Wet inburgering 2021;
Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs);
Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015);
Jeugdwet; en Wet op het primair onderwijs, de Wet op de expertisecentra en de Wet op het voortgezet onderwijs.
De regels in deze verordening vullen de wettelijke regels aan. Het zijn regels op hoofdlijnen die de gemeenteraad heeft vastgesteld. Soms zijn nog extra regels nodig waarin bepaalde zaken worden uitgewerkt. Ook dat is in deze verordening geregeld.