Naar hoofdinhoud
Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder: dagdeel : een tijdvak van maximaal 3 uur; dag : een tijdvak van maximaal 24 uur; week : een tijdvak van zeven achtereenvolgende dagen; maand : een tijdvak van dertig achtereenvolgende dagen; zomerseizoen : de periode van 15 april tot 15 oktober; winterseizoen : de periode van 15 oktober tot 15 april; jaar : de periode van 15 april tot 15 april; vaartuig : een vervoermiddel op of onder water of een ponton voor het uitvoeren van werkzaamheden; woonschip : een vaartuig uitsluitend of hoofdzakelijk als woning gebruikt of tot woning bestemd; passagiersschip : een vaartuig dat middel van openbaar vervoer is of hoofdzakelijk gebruikt wordt voor bedrijfsmatig vervoer van personen; charterschip : een vaartuig dat overwegend of geheel met behulp van zeilen wordt voortgestuwd en dat hoofdzakelijk gebruikt wordt voor bedrijfsmatig vervoer van personen; pleziervaartuig : een vaartuig, dat hoofdzakelijk wordt gebruikt voor niet-bedrijfsmatige recreatie; aangewezen ligplaats : een door het college van burgemeester en wethouders als zodanig aangewezen ligplaats; havenmeester : degene die door het bevoegd gezag benoemd is om toezicht te houden op de havens en kaden; historische Zuiderzee schepen : vaartuigen van vóór 1930 en afkomstig uit het Zuiderzeegebied, die overwegend of geheel met behulp van zeilen worden voortgestuwd, die als houten schepen kunnen worden getypeerd en die in de Binnenhaven liggen tussen de “Lange brug” en de “Middendamsluis”.

Rechtspraak bij dit artikel