Het verbod bedoeld in artikel 12 is niet van toepassing wanneer:
Het te verstoren gebied kleiner is dan en de werkzaamheden niet dieper reiken dan de maatvoering, zoals aangegeven op de geldende Archeologische verwachtings- en beleidsadvieskaart;
In het geldende omgevingsplan bepalingen zijn opgenomen over archeologische monumentenzorg en deze het behoud hiervan voldoende waarborgen;
Er wordt voldaan aan de nadere eisen die het college stelt met betrekking tot de uitvoering van werkzaamheden die leiden tot een verstoring van een archeologisch monument of archeologisch verwachtingsgebied;
Een rapport is overgelegd waarin de archeologische waarde van het te verstoren terrein naar het oordeel van het college in voldoende mate is vastgesteld en waaruit blijkt dat:
Het behoud van de archeologische waarden in voldoende mate kan worden geborgd; of
De archeologische waarden door de verstoring niet onevenredig worden geschaad; of
In het geheel geen archeologische waarden aanwezig zijn.
Artikel 13
Uitzondering verbod met betrekking tot archeologische monumenten
Onderdeel van Erfgoedverordening gemeente Smallingerland 2023