Naar hoofdinhoud
Een mondelinge vraag is een verzoek om inlichtingen als bedoeld in de artikelen 169 derde lid en 180 derde lid van de wet. Elke fractie of zelfstandig lid kan over actuele politieke en/of maatschappelijke ontwikkelingen en over de voortgang in bepaalde zaken in het kader van de Raadsactualiteiten mondelinge vragen stellen aan burgemeester en wethouders, tenzij over de desbetreffende aangelegenheid al schriftelijke vragen zijn gesteld, dan wel het onderwerp al op de raadsagenda is vermeld of is geagendeerd voor Het Raadsgesprek of Raadsdebat. Het lid dat mondelinge vragen wil stellen, meldt dit onder aanduiding van het onderwerp en de concrete vragen schriftelijk bij de griffier aan, uiterlijk 24 uur voorafgaande aan de betreffende raadsvergadering. Als sprake is van verschillende indieners van vragen over hetzelfde onderwerp, doet de voorzitter een voorstel over de wijze van behandelen. De voorzitter kan weigeren een onderwerp aan de orde te stellen, indien hij het onderwerp niet voldoende nauwkeurig geformuleerd acht of indien aan het onderwerp naar zijn inzicht de lokale actualiteit ontbreekt. De voorzitter brengt de vragensteller daarvan op de hoogte. Per onderwerp wordt aan de vragensteller het woord verleend om één of meer vragen aan het college of de burgemeester te stellen en een toelichting daarop te geven. Na de beantwoording daarvan krijgt de vragensteller desgewenst het woord om aanvullende vragen te stellen. De voorzitter kan aan andere raadsleden het woord verlenen om hetzij aan de vragensteller, hetzij aan het college of de burgemeester vragen te stellen over hetzelfde onderwerp.

Rechtspraak bij dit artikel