**1..** De aanvraag om subsidievaststelling moet uiterlijk twee maanden na gereedkomen van de werkzaamheden zijn ontvangen. In het geval artikel 3 lid 6 van toepassing is, dan gelden de daarin genoemde termijnen.
**2..** De aanvraag tot subsidievaststelling bestaat uit:
de facturen voor zover deze gebaseerd zijn op de ingediende offertes als onderdeel van de subsidieaanvraag conform artikel 5. Bij uitvoering in eigen beheer betreffen dit de facturen van de materiaalkosten.
een inhoudelijk verslag, aangevuld met beeldmateriaal, waaruit blijkt in hoeverre de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht en aan de verplichtingen is voldaan als bedoeld in deze regeling en, indien van toepassing, de subsidieverleningsbeschikking;
alle overige gegevens en bescheiden die in het besluit tot subsidieverlening zijn benoemd. In het geval artikel 3 lid 6 van toepassing is en de uitvoering volledig is afgerond, dan dienen eveneens de gegevens als bedoeld in artikel 5 lid 2 te worden aangeleverd.
**3..** Na ontvangst van een volledige en ontvankelijke aanvraag wordt binnen 8 weken een beslissing genomen over het vaststellen van de subsidie.
**4..** De beslistermijn genoemd in lid 3 kan voor maximaal 8 weken worden verdaagd. Hiervan wordt voor afloop van de beslistermijn genoemd in lid 3 mededeling gedaan aan de aanvrager.
**5..** De vaststelling van de subsidie worden digitaal per e-mail of per post beschikbaar gesteld aan de aanvrager van de subsidie.
**6..** Het subsidiebedrag wordt vastgesteld op basis van de daadwerkelijk gemaakte investeringskosten en kan niet hoger zijn dan het bedrag dat conform artikel 6 lid 5 in de beschikking tot subsidieverlening is opgenomen.
**7..** De beschikking tot subsidievaststelling vermeldt in ieder geval of is voldaan aan de voorwaarden en verplichtingen waaronder de beschikking tot subsidieverlening is gegeven alsmede de hoogte van de definitieve subsidie.
**8..** Na definitieve subsidievaststelling wordt het toegekende subsidiebedrag binnen 8 weken uitbetaald op het opgegeven rekeningnummer.
**9..** Het college kan een Bibob-onderzoek starten met betrekking tot een aanvraag om een subsidie dan wel een verleende subsidie. In dat geval dient sprake te zijn van informatie, met duidelijke aanwijzingen die het vermoeden rechtvaardigen, dat bij de aanvraag mogelijk sprake is van criminogene invloeden.