Leges worden niet geheven:
voor diensten waarvan de kosten krachtens afdeling 13.6 van de Omgevingswet zijn of worden verhaald;
voor diensten die ingevolge een wettelijk voorschrift zijn vrijgesteld van rechtenheffing of kosteloos moeten worden verleend;
van openbare besturen, ambtenaren of instellingen, ten aanzien van die diensten, die in het openbaar belang worden verzocht;
voor het afgeven van bewijzen van onvermogen;
voor het afgeven van stukken, nodig voor de ontvangst van pensioenen, lijfrenten, wachtgelden, loon of bezoldiging;
voor de aan belanghebbende uitgereikt wordende beschikkingen of afschriften daarvan, houdende aanstelling, benoeming, bevordering, ontslag, toekenning van bezoldiging, vergoeding of toelage, dan wel verhoging hiervan, betrekkelijk enige gemeentelijke functie of dienstverrichting jegens de gemeente;
voor de aan belanghebbende uitgereikt wordende beschikkingen of afschriften daarvan, houdende beslissing op een verzoek om subsidie of bijdrage uit de gemeentekas;
voor een omgevingsvergunning voor seizoengebonden bebouwing indien sprake is van samenloop met strandpacht;
voor voorwerpen, welke op grond van een wettelijk voorschrift, een overeenkomst of anderszins rechtens moeten worden gedoogd;
voor het houden van collecten, inzamelingsacties alsmede een klein kansspel door liefdadigheidsorganisaties en verenigingen zonder winstoogmerk.
Artikel 4
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van leges Castricum 2024