**1..** De aanvraag voor een persoonsgebonden budget bestaat uit het ondersteuningsplan en het budgetplan.
**2..** Het college voert het onderzoek conform artikel 2.2 van de verordening als volgt uit;
de jeugdige en/of zijn ouder(s) voeren conform artikel 2.2, derde lid, sub g, van de verordening een gesprek met het college over een mogelijk pgb aanvraag. In dit gesprek wordt gezamenlijk bepaald of het passend is om een pgb aanvraag in te dienen. Jeugdige en/of zijn ouder(s) ontvangen een informatieblad over het pgb;
jeugdige en/of zijn ouder(s) kiezen een budgetbeheerder;
het college neemt op basis van het gesprek een besluit over de geschiktheid van de budgetbeheerder. De geschiktheid van de budgethouder wordt beoordeeld conform het vierde lid van dit artikel;
de budgetbeheerder vult het budgetplan in en kiest een zorgverlener. De desbetreffende gekwalificeerde zorg- of hulpverlener vult de Verklaring omtrent Kwaliteit in.
op basis van de Verklaring omtrent Kwaliteit, beoordeelt het college of de kwaliteit van de beoogde pgb-hulp voldoet aan artikel 8.1.1 lid 2 sub c van de Jeugdwet en artikel 5.1 lid 6 van de verordening.
voor de betaling van het pgb dient een zorgovereenkomst te worden overlegd die voldoet aan de eisen van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) waaruit duidelijk blijkt welke prestatie en tegen welke vergoeding de zorgverlener of persoon gaat leveren gedurende de looptijd van het pgb;
het college besluit op basis van het budgetplan of de aanvraag wordt goedgekeurd. De overweging die tot het besluit hebben geleid worden gedeeld met de jeugdige en/of zijn ouder(s);
het college geeft bij goedkeuring en afwijzing van de aanvraag een beschikking af.
**3..** Voor het opstellen van het onder lid 1 benoemde budgetplan wordt door het college een format beschikbaar gesteld.
**4..** De geschiktheid van de budgetbeheerder wordt bepaald op basis van de aanwezigheid van de volgende pgb-vaardigheden. De budgetbeheerder:
is voldoende bekwaam om te bepalen welke ondersteuning de budgethouder nodig heeft. Overziet de eigen situatie c.q. die van de budgethouder en heeft inzicht in de zorgvraag;
heeft financieel inzicht en is in staat om afspraken te maken en na te komen en hier verantwoording over af te leggen aan het college;
is voldoende vaardig om te communiceren met betrokken partijen, zoals het college en de SVB;
is in staat om een overzichtelijke pgb-administratie bij te houden en zo ook toezicht te houden op de bestedingen van het pgb.
heeft voldoende kennis van (juridische) zaken die horen bij het zijn van werk- of opdrachtgever en/of weet bij welke instanties hierover advies en informatie ingewonnen kan worden.
is in staat om als werk- of opdrachtgever de zorgaanbieders aan te sturen en aan te spreken op diens functioneren.
HOOFDSTUK 5
Artikel 5.2
Aanvraag voor een pgb en gespreksprocedure
Onderdeel van Nadere regels jeugdhulp gemeente Delft 2024