Voor het recht op een studietoeslag moet iemand niet in staat zijn om naast de studie inkomsten te verwerven. Dat betekent dat het college de studietoeslag stopt als een belanghebbende wel inkomsten heeft uit arbeid. De omvang van de werkzaamheden of de genoten inkomsten zijn daarbij niet relevant.
In afwijking van het eerste lid, verliezen studenten die in de vakantie werken tijdelijk het recht op studietoeslag. Zij moeten hun werkzaamheden en het stoppen daarvan onverwijld melden bij het college. Het recht kan daarna zonder nieuwe aanvraag weer worden opgestart, tenzij de werkzaamheden doorlopen buiten de schoolvakantie.
Hoofdstuk › Paragraaf
Artikel 2.
Incidentele inkomsten en vakantiewerk
Onderdeel van Beleidsregels Inkomensondersteuning Participatiewet gemeente Nijmegen 2024