In deze verordening en de daarop berustende voorschriften wordt, tenzij anders is bepaald, verstaan onder:
archeologisch bodemarchief:
alle informatie die in de bodem ligt opgeslagen en daarin terecht is gekomen door activiteiten van mensen en door natuurlijke processen;
archeologisch monument:
terrein dat deel uitmaakt van cultureel erfgoed vanwege de daar aanwezige overblijfselen, voorwerpen of andere sporen van menselijke aanwezigheid in het verleden, met inbegrip van die overblijfselen, voorwerpen en sporen;
archeologisch onderzoek:
onderzoek verricht volgens de Kwaliteitsnorm Nederlandse archeologie (KNA) door of namens een dienst of instelling die over certificering beschikt;
archeologische vondst:
overblijfsel, voorwerp of ander spoor van menselijke aanwezigheid in het verleden afkomstig van een archeologisch monument;
gemeentelijke adviescommissie:
adviescommissie zoals bedoeld in artikel 17.9 van de Omgevingswet
cultureel erfgoed:
uit het verleden geërfde materiële en immateriële bronnen, in de loop van de tijd tot stand gebracht door de mens of ontstaan uit de wisselwerking tussen mens en omgeving, die mensen, onafhankelijk van het bezit ervan, identificeren als een weerspiegeling en uitdrukking van zich voortdurend ontwikkelende waarden, overtuigingen, kennis en tradities, en die aan hen en toekomstige generaties een referentiekader bieden;
cultuurgoed:
roerende zaak die deel uitmaakt van cultureel erfgoed;
gemeentelijk beschermd archeologisch monument:
archeologisch monument als bedoeld in artikel 1.1 van de Erfgoedwet dat is ingeschreven in het gemeentelijk erfgoedregister;
gemeentelijk beschermd cultuurgoed:
cultuurgoed als bedoeld in artikel 1.1 van de Erfgoedwet dat als zodanig is aangewezen op grond van artikel 3, eerste lid;
gemeentelijk beschermd groen- of landschapsmonument:
groen- of landschapsmonument dat is ingeschreven in het gemeentelijk erfgoedregister;
gemeentelijk beschermd monument:
gebouwd monument dat is ingeschreven in het gemeentelijk erfgoedregister;
gemeentelijk beschermd stads- of dorpsgezicht:
stads- of dorpsgezicht als bedoeld in de bijlage bij artikel 1.1 van de Omgevingswet dat als zodanig is aangewezen op grond van artikel 16;
gemeentelijk beschermde verzameling:
verzameling als bedoeld in artikel 1.1 van de Erfgoedwet die als zodanig is aangewezen op grond van artikel 3, tweede lid;
gemeentelijk erfgoedregister:
het register waarin het in overeenstemming met deze verordening aangewezen en beschermde cultureel erfgoed is geregistreerd;
gemeentelijke archeologiebeleid:
het door de gemeenteraad vastgestelde beleid ten aanzien van het archeologische bodemarchief;
gemeentelijke archeologische beleidskaart:
kaart, die onderdeel uitmaakt van het gemeentelijk archeologiebeleid en waarop archeologische monumenten, archeologische vindplaatsen en archeologische verwachtingen zijn aangegeven;
groen- of landschapsmonument:
elementen of terrein dat deel uitmaakt van cultureel erfgoed vanwege, de door mensen aangebrachte bomen, beplanting, (aangelegde) reliëfs, waterpartijen en paden;
het college
het college van burgemeester en wethouders
monument:
een onroerende zaak die deel uit maakt van het cultureel erfgoed en van algemeen belang is vanwege schoonheid, betekenis voor de wetenschap, archeologische, bouwhistorische, natuurhistorische, historisch landschappelijke of cultuurhistorische waarde;
een terrein of gebied dat van algemeen belang is wegens één of meerdere daar aanwezig of te verwachte zaken als bedoeld onder 1;
Minister:
de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;
kerkelijk monument:
onroerend monument dat eigendom is van een kerkgenootschap, kerkelijke gemeente, parochie of een kerkelijke instelling en dat uitsluitend of voor een overwegend deel wordt gebruikt voor de uitoefening van de eredienst;
omgevingsvergunning:
vergunning als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet voor een activiteit met betrekking tot een gemeentelijk monument of een gemeentelijk beschermd stads- of dorpsgezicht.
onderzoek:
een onafhankelijke en deskundige cultuurhistorische rapportage als bedoeld in hoofdstuk 5 van de Ministeriële regeling omgevingsrecht (MOR) naar:
de architectonische, bouwhistorische, interieurhistorische, kleurhistorische, tuinhistorische, wetenschappelijke en/of cultuurhistorische waarde van een beschermd rijksmonument of een gemeentelijk monument; of
de esthetische kwaliteiten, de ruimtelijk (bouw)historische en kleurhistorische kenmerken evenals de wetenschappelijke en cultuurhistorische waarde van een gemeentelijk stads- of dorpsgezicht; of
de esthetische kwaliteiten, de tuinhistorische, natuurhistorische of landschappelijke waarden evenals de wetenschappelijke en cultuurhistorische waarde van een gemeentelijk groen- of landschapsmonument of
de archeologische relicten in de bodem;
rijksmonument:
monument of archeologisch monument dat is ingeschreven in het rijksmonumentenregister als bedoeld in artikel 3.3 van de Erfgoedwet;
stads- of dorpsgezicht;
groep van onroerende zaken die van algemeen belang zijn wegens hun schoonheid, hun onderlinge ruimtelijke of structurele samenhang dan wel hun wetenschappelijke of cultuurhistorische waarde;
verzameling:
cultuurgoederen die uit cultuurhistorisch of wetenschappelijk oogpunt bij elkaar horen.