De bescherming van paragraaf 4 is van overeenkomstige toepassing op het gemeentelijk monument, het archeologisch monument of het groen- of landschapsmonument, ten aanzien waarvan een voornemen als bedoeld in artikel 6, eerste lid, is bekendgemaakt.
De voorbescherming, bedoeld in het eerste lid, vervalt op het moment van inschrijving van de aanwijzing in het gemeentelijk erfgoedregister.