**1..** Verstrekking van een persoonsgebonden budget, zoals bedoeld in artikel 14 van de verordening, vindt plaats op verzoek van de aanvrager.
**2..** Verstrekking van een financiële tegemoetkoming, zoals bedoeld in artikel 15 van de verordening, vindt plaats op verzoek van de aanvrager.
**3..** Het persoonsgebonden budget voor een zaak (materieel) is inclusief de kosten van reparatie, onderhoud en verzekering, zoals die door het college aan de leverancier worden betaald bij de verstrekking van een maatwerkvoorziening in natura.
**4..** Verstrekking van het persoonsgebonden budget, zoals bedoeld in artikel 14 van de verordening, of de financiële tegemoetkoming, zoals bedoeld in artikel 15 van de verordening, vindt niet plaats indien:
op grond van aanwijzingen die tijdens het onderzoek duidelijk zijn geworden het ernstig vermoeden bestaat dat de belanghebbende problemen zal hebben bij het omgaan met een persoonsgebonden budget of de financiële tegemoetkoming;
op grond van aanwijzingen die tijdens het onderzoek duidelijk zijn geworden het ernstig vermoeden bestaat dat de belanghebbende niet kan voldoen aan lopende financiële verplichtingen;
op grond van aanwijzingen die tijdens het onderzoek duidelijk zijn geworden het ernstig vermoeden bestaat dat de verstrekking van het persoonsgebonden budget of de financiële tegemoetkoming niet leidt tot de noodzakelijke compenserende ondersteuning, zoals die is beschreven in het gespreksverslag;
op grond van aanwijzingen die tijdens het onderzoek duidelijk zijn geworden het ernstig vermoeden bestaat dat de (medewerker van de) aanbieder of beroepskracht, die de ondersteuning gaat bieden, niet voldoet aan de kwaliteitseisen, zoals genoemd in artikel 2;
is gebleken dat de cliënt in het verleden met het persoonsgebonden budget of de financiële tegemoetkoming heeft gefraudeerd.
**5..** Het persoonsgebonden budget ten behoeve van een dienst (hulp bij het huishouden, persoonlijke begeleiding, dagbesteding – al dan niet in combinatie met vervoer van en naar de dagbesteding, kort verblijf/respijtzorg) wordt, o.g.v. artikel 2.6.2. van de wet, na toekenning periodiek uitgekeerd aan de zorgverlener door de SVB die het persoonsgebonden budget beheert (trekkingsrecht). De cliënt dient zich te houden aan de regels die de SVB stelt.
**6..** Het persoonsgebonden budget of de financiële tegemoetkoming voor een zaak (materieel) wordt uitgekeerd aan de cliënt zelf, in principe na realisatie / aanschaf van de voorziening.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.
Verstrekking persoonsgebonden budget / financiële tegemoetkoming
Onderdeel van Nadere regels Wmo Voerendaal 2024