Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 11

Omgevingsvergunning gemeentelijk monument en archeologisch gemeentelijk monument

Onderdeel van ERFGOEDVERORDENING ZWOLLE 2024

1.. Het is verboden zonder omgevingsvergunning van het college een gemeentelijk monument of een archeologisch gemeentelijk monument: te slopen, te verstoren, te verplaatsen of in enig opzicht te wijzigen, of te herstellen, te gebruiken of te laten gebruiken op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht. 2.. Het eerste lid is niet van toepassing op: de uitvoering van normaal onderhoud, voor zover materiaalsoort, vormgeving, detaillering, profilering, en kleur van het monument niet wijzigt, en voor zover de aanleg van een tuin, park of andere aanleg niet wijzigt, waarbij sprake is van een technische noodzaak voor het vervangen of herstellen van materiaal op beperkte schaal en de aangetaste delen worden vervangen of hersteld; inpandige veranderingen van een onderdeel van het monument dat uit het oogpunt van monumentenzorg geen waarde heeft, zodanig dat de werkzaamheden zonder hak- en breekwerk in het historisch casco worden uitgevoerd; een gemeentelijk monument dat als begraafplaats in gebruik is met inachtneming van de monumentale waarden: i. plaatsen van grafmonumenten, met inbegrip van het tijdelijk verwijderen daarvan en het bijwerken van het opschrift; ii. doen van begravingen of as bijzettingen, of iii. ruimen van graven waarvan het grafmonument niet is beschermd als gemeentelijk monument 3.. Onderhoud en herstel van een beschermd monument dient plaats te vinden volgens door het college vastgestelde uitvoeringsvoorschriften. 4.. Het college kan in het belang van de monumentenzorg nadere regels stellen met betrekking tot de uitvoering van werkzaamheden aan een gemeentelijk monument. Deze regels kunnen mede inhouden een vrijstelling van het verbod, bedoeld in het eerste lid, of een plicht tot het melden van handelingen bedoeld in het tweede lid. 5.. De bescherming als bedoeld in het eerste, tweede, derde en vierde lid geldt slechts ten aanzien van het exterieur van het gemeentelijk monument, tenzij de beschrijving van het monument tevens andere, niet tot het exterieur te rekenen, onderdelen bevat.

Rechtspraak bij dit artikel