Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 4.2

Onderscheid in niet-planmatige en planmatige ontwikkeling

Onderdeel van Uitvoeringsregel kwaliteitsverbetering landschap gemeente Maashorst

Onderscheid kan worden gemaakt tussen planmatige stedelijke ontwikkelingen en (min of meer op zichzelf staande, beperktere) ontwikkelingen in het buitengebied, zogenaamde niet-planmatige ontwikkelingen. Ten aanzien van de investering in kwaliteitsverbetering van het landschap is er een verschil in de wijze waarop voor beide ontwikkelingen deze bijdrage wordt bepaald. Niet-planmatige ontwikkelingen in het buitengebied De gekozen bestemmingswaardemethodiek op basis van de forfaitaire bedragen is bedoeld voor incidentele, niet-planmatige ontwikkelingen. Planmatig (stedelijke) ontwikkeling Bij planmatige stedelijke ontwikkeling zoals bedrijventerreinen, woongebieden en (openbare) sportterreinen wordt uitgegaan van een minimumbijdrage per m2 uit te geven grond. Gemeente Maashorst hanteert een minimum bijdrage van 1% van de uitgifteprijs. Het gaat daarbij in ieder geval om de gronden ten behoeve van wonen, bedrijvigheid, maatschappelijke functies, dienstverlening, detailhandel en dergelijke die de stedelijke ontwikkeling vormen. Gronden onder openbaar groen/water en openbare weg hoeven niet in die berekening te worden betrokken. Uitgangspunt is de uitgifteprijs als bouwrijpe grond. Hierbij is van belang onderscheid te maken tussen het groen dat tot de stedelijke ontwikkeling behoort en het groen dat bijdraagt aan de landschappelijke kwaliteitsverbetering. Groen meetellen als investering in kwaliteitsverbetering is alleen mogelijk indien het gaat om groen dat bijdraagt aan en aangesloten wordt op de landschappelijke kwaliteiten van het omliggende gebied (dus geen maatregelen die bijdragen aan de groene 3-30-300 uitgangspunt voor stedelijke ontwikkeling, geen hagen, perkjes en dergelijke). Er kan in sommige gevallen wel gedacht worden aan een landschappelijke omzoming van de stedelijke ontwikkeling. Indien dat niet mogelijk is, dan dient er een storting in het landschapsfonds gedaan te worden. Bij overige planmatige ontwikkelingen zoals infrastructuur, zonneparken en windmolens is landschappelijke inpassing vereist en wordt voor de kwaliteitsverbetering landschap uitgegaan van maatwerk.

Rechtspraak bij dit artikel