Op grond van artikel 30b van de Wet op de Kansspelen is het verboden om zonder vergunning van de burgemeester één of meer kansspelautomaten aanwezig te hebben. Op grond van artikel 30c, tweede lid, Wet op de Kansspelen wordt bij gemeentelijke verordening het aantal kansspelautomaten vastgesteld waarvoor een vergunning wordt verleend. Vervolgens is in de Verordening kansspelautomaten en speelautomatenhallen bepaald dat de burgemeester een aanwezigheidsvergunning kan verlenen voor het plaatsen van maximaal 2 kansspelautomaten in hoogdrempelige inrichtingen.
Aan de aanwezigheidsvergunning worden voorschriften verbonden, zolang deze strekken tot bescherming van het belang of de belangen in verband waarmee de vergunning is vereist. De standaardvoorschriften die aan de vergunning worden verbonden zijn opgenomen in bijlage 2.
In laagdrempelige inrichtingen mogen geen kansspelautomaten worden geplaatst. Hier is het enkel toegestaan om behendigheidsautomaten te plaatsen.
Artikel 3.2.4
Vergunning tot het aanwezig hebben van kansspelautomaten
Onderdeel van Tijdelijke beleidsregel horeca gemeente Weert