Naar hoofdinhoud

Artikel 1

Artikel 19.

Subsidievaststelling

Onderdeel van Subsidieregeling Peuteropvang en Voorschoolse Educatie gemeente Beuningen 2026

1. Het college stelt een subsidie vast binnen vier weken na de ontvangst van een aanvraag tot subsidievaststelling. 2. Deze termijn kan eenmaal voor ten hoogste vier weken worden verdaagd. 3. Als een aanvraag tot subsidievaststelling niet voor het tijdstip, bedoeld in artikel 18 is ingediend, kan het college de aanbieder schriftelijk een nieuwe termijn stellen. Als de aanvraag niet binnen deze termijn wordt ingediend, kunnen zij overgaan tot ambtshalve vaststelling. 3. Als achteraf blijkt dat de subsidie te hoog of te laag is vastgesteld, corrigeert het college dit door het teveel betaalde terug te vorderen of het te weinig betaalde alsnog te betalen. 4. Periodiek kan een controle uitgevoerd worden door de gemeente, waarbij de volgende gegevens gecontroleerd worden: a. een gedagtekende overeenkomst tussen de aanbieder en de ouder van het kind; b. het in de overeenkomst opgenomen aantal uren peuteropvang en voorschoolse educatie; c. een ondertekende ouderverklaring van ouders die aangeven geen recht te hebben op kinderopvangtoeslag en een inkomensverklaring van de Belastingdienst inclusief de berekening van de ouderbijdrage; d. een indicatieformulier van het consultatiebureau van peuters met een VVE-indicatie.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel