In de Jeugdwet is de verplichting opgenomen dat gemeenten pgb’s uitbetalen in de vorm van trekkingsrecht. Dit houdt in dat de gemeente het pgb niet op de bankrekening van de jeugdige en/of ouder(s)/verzorger(s) stort, maar op rekening van het servicecentrum pgb van de Sociale Verzekeringsbank (SVB).
De SVB moet in het bezit zijn van een zorgovereenkomst en deze moet zijn geaccordeerd door de gemeente. De jeugdige en/of ouder(s)/verzorger(s) laat via declaraties of facturen aan de SVB weten hoeveel uren hulp zijn geleverd en de SVB zorgt vervolgens voor de uitbetaling van de zorgverlener. De niet bestede PGB bedragen worden door de SVB na afloop van de verantwoordingsperiode terugbetaald aan de gemeente.