Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:
Bedrijfsafval: andere afvalstoffen dan huishoudelijk afval als bedoeld in artikel 15.33 van de Wet milieubeheer, met uitzondering van grof bedrijfsafval;
Grof bedrijfsafval: afvalstoffen, met uitzondering van autowrakken, afkomstig van bedrijven en instellingen, welke door aard, omvang of hoeveelheid niet periodiek worden ingezameld;
“gebruik maken”: gebruik maken in de zin van artikel 15.33 Wet milieubeheer;
Perceel:
hetgeen in artikel 16 van de Wet waardering onroerende zaken als één onroerende zaak wordt aangemerkt;
een roerende zaak, welke duurzaam aan een plaats gebonden is;
een gedeelte van een in onderdeel 2 bedoelde roerende zaak dat blijkens zijn indeling is bestemd om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt;
een samenstel van twee of meer in onderdeel 2 bedoelde roerende zaken of in onderdeel 3 bedoelde gedeelten daarvan die bij dezelfde belastingplichtige in gebruik zijn en die, naar de omstandigheden beoordeeld, bij elkaar behoren.
het binnen de gemeente gelegen deel van de in onderdeel 2 bedoelde roerende zaak, van een in onderdeel 3 bedoeld gedeelte daarvan of van een in onderdeel 4 bedoeld samenstel.
Hoofdstuk I.
Artikel 2
Definities
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van afvalstoffenheffing en reinigingsrechten 2024