In beginsel wordt er geen grond uitgegeven die voor of achter andermans perceel ligt. Deze percelen kunnen wel worden uitgegeven wanneer reeds bestaande verkaveling en kadastrale grenzen hiervoor geen belemmering vormen, buren een alternatieve verdeling van de grond zijn overeengekomen, eventuele rechten van buren op andere wijze worden gewaarborgd (bijvoorbeeld in de vorm van een erfdienstbaarheid, zoals een recht van overpad) of het perceel gemeentegrond op initiatief van de gemeente wordt uitgegeven.
Indien verschillende eigenaren in aanmerking komen om een perceel grond van de gemeente af te nemen of uitgifte van gemeentegrond op basis van de genoemde uitgangspunten niet logisch is, dan kan de gemeente de aanvrager vragen om een ‘verklaring van geen bezwaar’ van eventuele buren aan te leveren.
Indien twee bewoners in aanmerking komen voor de aankoop of huur van hetzelfde perceel gemeentegrond, dan kan de gemeente besluiten de grond niet te verkopen of de grond aan één van beide partijen te verkopen (indien noodzakelijk, wel met erfdienstbaarheid). Dat kan de partij zijn die het meest voor de grond biedt. Deze situatie kan zich voor doen indien partijen niet tot een gezamenlijke oplossing komen of één van de partijen niet ingaat of antwoord geeft op het aanbod van de gemeente. Wel plaatst de gemeente in dat laatste geval een publicatie over de voorgenomen verkoop om uitvoering te geven aan het zogenaamde Didam-arrest van de Hoge Raad d.d. 26 november 2021 (ECLI:NL:HR:2021:1778) inzake onderhandse verkoop van grond.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.6
Verkoop perceel grenzend aan meerdere woningen/bedrijven
Onderdeel van Notitie gronduitgifte gemeente Leidschendam-Voorburg 2024