In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
algemeen gebruikelijke voorziening: een voorziening waarvan gelet op de omstandigheden- aannemelijk is dat de cliënt - vanaf een inkomen op minimumniveau als in de Participatiewet - ook als hij geen beperking(en) had- daarover zou (hebben kunnen) beschikken;
bijdrage: bijdrage als bedoeld in artikel 2.1.4, eerste lid en artikel 2.1.4a van de wet;
ingezetene: cliënt die hoofdverblijf heeft in de gemeente Het Hogeland;
hoofdverblijf: de woonruimte -bestemd en geschikt voor permanente bewoning- waar de persoon met beperking(en) zijn vaste woon- en verblijfplaats heeft en
in de gemeentelijke basisadministratie staat ingeschreven of
zal staan ingeschreven of
het feitelijke woonadres indien de persoon met beperkingen met een briefadres is ingeschreven.
anti-revaliderend: het versterken of creëren van beperkingen als gevolg van de verstrekking van voorzieningen;
hulpvraag: behoefte aan maatschappelijke ondersteuning als bedoeld in artikel 2.3.2, lid 1, van de wet;
melding: kenbaar maken van de hulpvraag aan het college als bedoeld in artikel 2.3.2 lid 1 Wmo 2015;
pgb: persoonsgebonden budget als bedoeld in artikel 1.1.1 van de wet;
persoonlijk plan: plan waarin de cliënt de omstandigheden (bedoeld in artikel 2.3.2 lid 4 Wmo 2015 onderdelen a tot en met g van de wet) beschrijft en aangeeft welke maatschappelijke ondersteuning naar zijn mening het meest is aangewezen;
Wet: Wet maatschappelijke ondersteuning 2015.
Voor zover niet anders bepaald, hebben begrippen in deze verordening en de daarop gebaseerde nadere regels en beleidsregels dezelfde betekenis als in de wet.