De burgemeester kan de vergunning intrekken:
als blijkt dat de vergunning ten gevolge van een onjuiste of onvolledige opgave is verleend;
als de omstandigheden of inzichten op grond waarvan de vergunning is afgegeven zodanig zijn gewijzigd dat een situatie is ontstaan als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onder e;
als gehandeld wordt in strijd met aan de vergunning verbonden voorschriften of beperkingen;
als de exploitatie van een speelautomatenhal voor een periode van langer dan zes maanden wordt onderbroken.
HOOFDSTUK 2
Artikel 8
Intrekkingsgronden
Onderdeel van Speelautomatenhallenverordening Noordwijk 2024