Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 8 › Paragraaf 9a

Artikel 8.27c

bestrijding Iepziekte

Onderdeel van Verordening fysieke leefomgeving

1.. Wanneer op een perceel één of meer iepen staan die naar het oordeel van burgemeester en wethouders gevaar opleveren voor de verspreiding van de iepziekte of voor vermeerdering van iepenspintkevers is de eigenaar en een ander rechthebbende van het perceel verplicht binnen een termijn van tien werkdagen na aanschrijving van burgemeester en wethouders de iepen: te vellen; te ontschorsen; en de schors te vernietigen of zodanig te behandelen dat verspreiding van de iepziekte wordt voorkomen. 2.. Het is verboden gevelde iepen of delen daarvan voorhanden of in voorraad te hebben of te vervoeren. Dit verbod is niet van toepassing op: geheel ontschorst iepenhout; iepenhout met een doorsnede kleiner dan 4 cm; of vervoer van iepenhout door een erkend iepenaannemer. 3.. Burgemeester en wethouders kunnen ontheffing verlenen van het onder lid 2 gestelde verbod.

Rechtspraak bij dit artikel