Naar hoofdinhoud

Artikel 5.

Kwaliteitseisen

Onderdeel van Doelgroepenverordening gemeente Valkenswaard 2023

Ten aanzien van de prijs en kwaliteit van sociale huurwoningen, middenhuurwoningen en sociale koopwoningen, zoals in voorgaande artikelen bedoeld, is het verplicht om onderstaande prijs/kwaliteitsverhouding toe te passen: Een sociale huurwoning met een huurprijs tot de kwaliteitskortingsgrens, als bedoeld in art. 20, eerste lid, van de Wet op de huurtoeslag, dient een woonoppervlakte van ten minste 30 m² gbo te hebben. Voor grondgebonden woningen in dit segment gelden geen oppervlaktevereisten. Een sociale huurwoning met een huurprijs tot de eerste aftoppingsgrens, als bedoeld in art. 20, tweede lid, onder a van de Wet op de huurtoeslag, dient een woonoppervlakte van ten minste 40 m² gbo te hebben. Een sociale huurwoning met een huurprijs tot de tweede aftoppingsgrens, als bedoeld in art. 20, tweede lid, onder b, van de Wet op de huurtoeslag, dient een woonoppervlakte van ten minste 45 m² gbo te hebben. Een sociale huurwoning met een huurprijs boven de tweede aftoppingsgrens en tot maximaal de liberalisatiegrens, bedoeld in art. 13, eerste lid, onder a, van de Wet op de huurtoeslag dient een woonoppervlakte van ten minste 55 m² gbo te hebben. Een middenhuurwoning, als bedoeld in art. 1.1.1, eerste lid, onder j, van het Besluit ruimtelijke ordening, dient een woonoppervlakte van tenminste 60 m² gbo te hebben. Een sociale koopwoning dient een woonoppervlakte van ten minste 50 m² gbo te hebben. Voor grondgebonden woningen in dit segment gelden geen oppervlaktevereisten. Het college kan, binnen de mogelijkheden van de wet en op schriftelijk gemotiveerd verzoek van de aanvrager, afwijken van de in dit artikel opgenomen oppervlaktevereisten indien een bouwplan voorziet in een volwaardige gemeenschappelijke ruimte voor bewoners. Het is aan de aanvrager om zijn verzoek goed te onderbouwen, dat wil zeggen dat naar het oordeel van het college genoegzaam moet zijn aangetoond dat de gemeenschappelijke ruimte een verlaging van de minimale woonoppervlakte rechtvaardigt. Het staat het college vrij om indien nodig de door de aanvrager aangeleverde motivatie te laten toetsen door een onafhankelijke deskundige. De kosten hiervan zijn voor rekening van de aanvrager.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel