Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 14

Beoordelingsregels omgevingsvergunning

Onderdeel van Bomenverordening gemeente Maashorst

1.. De omgevingsvergunning voor het vellen van beschermde houtopstand als omschreven in artikel 12, eerste lid onder a en b, kan alleen worden verleend wanneer: De houtopstand moet worden geveld vanwege een van de uitzonderingsgevallen: Zwaarwegend maatschappelijk belang; Aantoonbare ernstige schade aan bouwwerken of civiele werken; De levensverwachting minder dan vijf jaar bedraagt; De houtopstand moet worden geveld vanwege noodkap: Een grote, acute gevaarzetting, vastgesteld door een erkend boomspecialist of een deskundige van de gemeente; Een calamiteit; Ziekte of aantasting waarvan in de Plantgezondheidswet is vastgelegd dat noodkap nodig is. 2.. De omgevingsvergunning voor het vellen van een beschermde houtopstand kan worden geweigerd wanneer de belangen van het vellen van de houtopstand niet opwegen tegen de belangen van het behoud van de houtopstand. Hierbij wordt de BEA, voor zover opgesteld, betrokken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel