Naar hoofdinhoud
1.. De jeugdige en ouders dienen de besteding van het pgb te alle tijden op verzoek van het college te verantwoorden. De budgethouder moet kunnen aantonen op welke wijze (door wie en hoe) het budget besteed is. Daarbij mag een professionele ondersteuner het pgb niet beheren. 2.. De volgende zaken mogen niet uit het pgb worden betaald: kosten van tussenpersonen of belangenbehartigers; bemiddelingskosten; administratieve kosten; vrij besteedbaar bedrag eenmalige uitkering; feestdagenuitkering; reiskosten. 3.. En het pgb dient binnen zes maanden na toekenning (de beschikking) ingezet te worden voor de ondersteuning zoals opgenomen in het resultatenplan. In uitzonderingsgevallen kan, beargumenteerd, het college een langer termijn hanteren.

Rechtspraak bij dit artikel