**1..** Bij gebruikmaking van een maatwerkvoorziening (in natura of pgb) is de inwoner een bijdrage verschuldigd op grond van artikel 2.1.4 lid 1 sub b van de wet Wmo en artikel 10 van de ‘Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Aa en Hunze 2020’. Daarbij is de eigen bijdrage is nooit meer dan de daadwerkelijke kosten.
**2..** Voor een maatwerkvoorziening geldt een maximale eigen bijdrage volgens het landelijk vastgesteld bedrag die het CAK volgt.
**3..** Deze eigen bijdrage is niet verschuldigd:
als de hulpvrager of de echtgenoot van de hulpvrager een bijdrage als bedoeld in artikel 3.11 of 3.12 dan wel een bijdrage ingevolge de artikelen 3.3.2.1 of 3.3.2.2 van het Besluit langdurige zorg verschuldigd is;
Indien de hulpvrager of zijn echtgenoot gedurende twee of meer nachten aaneengesloten in de bijdrageperiode in een instelling voor opvang verblijft;
Indien het college, na advies van een instelling voor algemeen maatschappelijk werk, de Raad voor de Kinderbescherming of het AMHK, van oordeel is dat de verschuldigdheid van de bijdrage kan leiden tot mishandeling, verwaarlozing of ernstige schade voor de opvoeding en ontwikkeling van een
minderjarige door de ouder, bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet;
voor een rolstoel;
voor een hulpvrager die de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, met uitzondering van een woningaanpassing;
voor arbeidsmatige dagbesteding (M1);
voor onafhankelijke cliëntondersteuning door Zorgbelang Drenthe (Wmo);
ondersteuning door de vertrouwenspersoon door Zorgbelang Drenthe (Jeugd).
Hoofdstuk 6
Artikel 6.1
Bijdrage in de kosten op grond van de Wmo
Onderdeel van Nadere regels maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp 2024 gemeente Aa en Hunze