Naar hoofdinhoud

Artikel 1

begripsomschrijvingen

Onderdeel van Doelgroepenverordening gemeente Laarbeek 2023

In deze verordening wordt verstaan onder: Aanvangshuurprijs: de huurprijs bij start van een huurovereenkomst. College: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Laarbeek. DAEB: diensten van algemeen economisch belang. DAEB-norm: de inkomensgrens als bedoeld in artikel 48, eerste lid van de Woningwet. GO: gebruiksoppervlakte als bedoeld in NEN 2580 is de bruikbare vloeroppervlakte, geschikt voor het beoogde gebruik. Huurprijs: de prijs die bij huur en verhuur is verschuldigd voor het enkele gebruik van een woonruimte of standplaats, uitgedrukt in een bedrag per maand. Huishouden: persoon of groep personen die een huishouden voert of wenst te voeren, waarbij sprake is van onderlinge verbondenheid en continuïteit in de samenstelling. Initiële koopprijs: de koopprijs die bij de eerste koopovereenkomst na oplevering met de koper is overeengekomen. Inkomen: (gezamenlijke) verzamelinkomen(s) van het huishouden als bedoeld in artikel 2.18 van de Wet inkomstenbelasting 2001, met uitzondering van kinderen in de zin van artikel 4 van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen, of wanneer geen inkomstenbelasting wordt geheven, het belastbare loon krachtens de Wet op de loonbelasting 1964 in het peiljaar. Koopprijs: de koopprijs bij het sluiten van de koopovereenkomst. Liberalisatiegrens: het bedrag bedoeld in artikel 13, eerste lid, onder a, van de Wet op de huurtoeslag. Midden huurwoning: een woning in het middeldure huursegment, waarbij een in deze verordening bepaalde minimale en maximale huurprijs van toepassing is. Particulier opdrachtgeverschap: situatie dat (een) burger(s) of een groep van burgers – in dat laatste geval georganiseerd als rechtspersoon zonder winstoogmerk of krachtens een overeenkomst – ten minste de economische eigendom verkrijgt en volledige zeggenschap heeft over en verantwoordelijkheid draagt voor het gebruik van de grond, het ontwerp en de bouw van de eigen woning. Sociale huurwoning: huurwoning als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, onder d van het Besluit ruimtelijke ordening of artikel 5.161c eerste lid onder a van het Besluit kwaliteit leefomgeving. Sociale koopwoning: koopwoning als bedoeld in artikel 1.1.1. eerste lid, onder e van het Bro of artikel 5.161c eerste lid onder b van het Besluit kwaliteit leefomgeving Betaalbare koopwoning: sociale middeldure koopwoning tot de betaalbaarheidsgrens, als bedoeld in het Programma Woningbouw van de overheid en de regionale Woondeal MRE waarbij een in deze verordening bepaalde minimale en maximale koopprijs van toepassing is. Prijspeil 2023: prijspeil geldend op het moment dat deze verordening van kracht gaat. De prijsgrenzen worden jaarlijks per 1 januari geïndexeerd. Deze indexatie wordt gebaseerd op de (jaarlijkse) aanpassing van de prijsgrenzen volgens de Regionale Begrippenlijst Metropoolregio Eindhoven, deze zijn afgeleid van wettelijke kaders en/of regelgeving. Wet op de huurtoeslag; Uitvoeringswet huurprijzen Woonruimte. Woningcorporatie: toegelaten instelling als bedoeld in artikel 19 van de Woningwet die feitelijk werkzaam is in de gemeente Laarbeek. Woonzorgvoorziening: een complex van zelfstandige woningen gericht op beschermd wonen met een zorg- en service-arrangement, met een contractuele scheiding tussen wonen, zorg en service. Besluit ruimtelijke ordening (Bro): nadere aanvulling op de Wet ruimtelijke ordening. Wet ruimtelijke ordening (Wro): een Nederlandse wet die regelt hoe ruimtelijke plannen in Nederland tot stand komen en gewijzigd worden. Daarbij wordt rekening gehouden met individuele en gemeenschappelijke belangen. Omgevingswet: Wet van 23 maart 2016, houdende regels over het beschermen en benutten van de fysieke leefomgeving. Zorggeschikte woning: een zelfstandige woning waarin mensen met een Wlz-indicatie intensieve zorg kunnen ontvangen. Nultredenwoning: een woning waarbij tenminste de noodzakelijke leefruimtes, zoals woonkamer, toilet, badkamer en één slaapkamer, te bereiken zijn zonder een trap te betreden en zonder drempels bij de deuren hoger dan 20mm. Begrippenlijst MRE: door de 21 regiogemeenten worden afspraken gemaakt over de regionale, subregionale of lokale woningmarkt. In de Regionale Begrippenlijst Wonen staan de definities van die begrippen die nodig zijn om die afspraken af te bakenen en/of toe te lichten. Tiny Houses: kleine, volwaardige en vrijstaande woningen met een vloeroppervlak van maximaal 50 vierkante meter, met een zo klein mogelijke ecologische voetafdruk, bedoeld voor permanente bewoning. Flexwoningen: kleine woningen die verplaatsbaar, stapelbaar, schakelbaar of splitsbaar zijn, bedoeld voor tijdelijke bewoning.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel