Naar hoofdinhoud
1. Ten aanzien van de voor het in werking treden van deze verordening uitgegeven recht op particuliere-, urnen- en algemene graven, blijven de bepalingen van kracht die bij de uitgifte van die graven golden en worden, voor zover zij ook bij deze verordening zijn vereist, geacht onder dezelfde voorwaarden krachtens deze verordening te zijn verleend. 2. De voor het in werking treden van deze verordening verleende vergunningen tot het aanbrengen van gedenktekens enz., verliezen door het in werking treden van deze verordening hun kracht niet en worden, voor zover zij ook bij deze verordening zijn vereist, geacht onder dezelfde voorwaarden krachtens deze verordening te zijn verleend.

Rechtspraak bij dit artikel