Naar hoofdinhoud
1.. Een terras dient een bijdrage te leveren aan de openbare ruimte en dient geen afbreuk te doen aan de architectuur van het bijbehorende pand dan wel de belendende panden noch aan het straatbeeld ter plaatste. 2.. Een terras mag in beginsel alleen bestaan uit terrasmeubilair. 3.. Het meubilair moet verplaatsbaar zijn. 4.. Het gebruik van elektrische verlichting en verwarmingselementen is toegestaan, mits er wordt voldaan aan de voorwaarden van artikel 12 en 13. 5.. De afmetingen van de parasols zijn groter dan een standaarddoorsnee van 3 meter en kleiner dan 5 x 5 meter. De grenzen van de toegestane terrasruimte mogen niet worden overschreden. De parasols mogen niet in de straat worden verankerd zonder toestemming en vergunning van de gemeente. 6.. Terrasschermen mogen maximaal 1,5 meter hoog zijn. Vanaf 1 meter dienen deze doorzichtig te zijn. 7.. De exploitant is verplicht te gedogen, voor zover dat nodig mocht zijn, dat werkzaamheden worden uitgevoerd aan/in/boven de voor het terras in gebruik te nemen gemeentegrond/openbare weg, in verband met het leggen van, reparatie aan of onderhoud aan bestratingen of kabels en leidingen ten behoeve van nutsvoorzieningen, zoals gas, water, elektriciteit, riolering, openbare telecommunicatie en omroepnetwerken. 8.. Na sluiting van het terras wordt het terrasmeubilair zodanig opgeruimd, dat dit niet meer gebruikt kan worden en wordt het terrasmeubilair zodanig beveiligd dat vandalisme/vernieling zoveel mogelijk wordt voorkomen. 9.. In verband met eventuele reconstructies, herinrichting e.d., kan de burgemeester besluiten om de vergunning voor het gebruik van het terras in te trekken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel