Naar hoofdinhoud

Artikel 18.

Voorkoming en bestrijding van ten onrechte ontvangen voorzieningen, misbruik en oneigenlijk gebruik van de wet

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Druten 2024

1.. Het college informeert cliënten of hun vertegenwoordiger in begrijpelijke bewoordingen over de rechten en plichten die aan het ontvangen van een maatwerkvoorziening zijn verbonden en over de mogelijke gevolgen van misbruik en oneigenlijk gebruik van de wet. 2.. Een cliënt doet aan het college of de andere organisatie op verzoek of direct uit eigen beweging mededeling van alle feiten en omstandigheden, waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat deze aanleiding kunnen zijn tot heroverweging van een beslissing. 3.. Het college kan een beslissing tot verstrekking van maatschappelijke ondersteuning of jeugdhulp beëindigen, herzien dan wel intrekken als het college vaststelt dat: De cliënt onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beslissing had geleid; De cliënt niet langer op de maatwerkvoorziening is aangewezen; De maatwerkvoorziening niet meer toereikend is te achten; De cliënt langer dan 4 weken verblijft in een instelling als bedoeld in de Wet langdurige zorg of de Zorgverzekeringswet. De cliënt niet voldoet aan de aan de maatwerkvoorziening verbonden voorwaarden, of; De cliënt de maatwerkvoorziening niet of voor een ander doel gebruikt dan waarvoor het is verstrekt; De cliënt zich niet heeft gehouden aan de voorschriften uit de bruikleenovereenkomst die hoort bij de voorziening. Onzorgvuldig gebruik van een in natura verstrekte voorziening. 4.. Een beslissing tot verstrekking van een pgb kan worden ingetrokken als na onderzoek door het college blijkt dat het pgb niet binnen zes maanden na toekenning is aangewend ten behoeve van het doel waarvoor het is verstrekt 5.. Als het college een beslissing over een voorziening op grond van de Wmo heeft ingetrokken en de verstrekking van onjuiste of onvolledige gegevens door de cliënt opzettelijk heeft plaatsgevonden, kan het college van de cliënt en degene die daaraan opzettelijk zijn medewerking heeft verleend, geheel of gedeeltelijk de geldswaarde vorderen van de ten onrechte genoten maatwerkvoorziening of het ten onrechte genoten pgb. 6.. Als het college een beslissing over een voorziening op grond van de Jeugdwet heeft ingetrokken kan het college bij dwangbevel geheel of gedeeltelijk het ten onrechte genoten pgb invorderen. 7.. Ingeval het recht op een in eigendom of in bruikleen verstrekte voorziening is ingetrokken, kan deze voorziening of de restwaarde van deze voorziening worden teruggevorderd. 8.. Het college kan een vordering op grond van ten onrechte genoten pgb verrekenen met te verstrekken pgb of een andere periodieke uitkering.

Rechtspraak bij dit artikel