Naar hoofdinhoud
In deze beleidsregel wordt verstaan onder: Omgevingsverordening: de Omgevingsverordening provincie Utrecht die in werking treedt bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet; Aanpassing: verzamelwoord voor diverse maatregelen ten aanzien van kabels en leidingen ten dienste van een netwerk, waaronder het verplaatsen van kabels en leidingen, voor zover noodzakelijk voor de uitvoering van werken van de provincie; Beperkingengebied beheer provinciale weg: het gebied als bedoeld in afdeling 4.2 van de Omgevingsverordening provincie Utrecht; Beperkingengebied lokale spoorweg: het gebied als bedoeld in afdeling 4.3 van de Omgevingsverordening provincie Utrecht; Beperkingengebied provinciale vaarwegen: het gebied als bedoeld in afdeling 4.4 van de Omgevingsverordening provincie Utrecht; Bereikbaarheidsprogramma: programma onder de Omgevingsvisie van de provincie Utrecht, waarin het mobiliteitsbeleid is uitgewerkt; CEMT: Conférence Européenne des Ministres des Transports, Europese classificering van binnen- en rivierscheepvaartwegen; Folieconstructie: een laag/folie met een waterkerende functie in een infrastructureel werk zoals een tunnel of aquaduct; Huisaansluiting: (het deel van) de kabel/leiding met bijbehorende voorzieningen, gelegen tussen de hoofdleiding/kabel en het aansluitpunt van deze kabel/leiding in de woning of het gebouw; Kabel: een sterke, buigzame verbinding, bestaande uit één of meer geleiders die zijn samengesteld uit draden van metaal of glasvezel en geschikt voor het transport van elektrische energie, elektrische signalen of optische signalen; Kabel- en leidingenstraat, kabelgoot of kabelgeul: locatie/strook grond waar meerdere kabels en leidingen bij elkaar liggen, langs of kruisend met wegen, lokale spoorwegen en vaarwegen of bij kunstwerken zoals bruggen, viaducten etc.; Kabels en leidingen van algemeen nut: kabels en leidingen die het algemeen belang dienen; Tijdelijke kabel of leiding: kabel of leiding waarvan de tijdsduur en periode van ligging een maximum van vijf jaar heeft; Kruisende leiding: een kabel of leiding die kruisend door, op, boven, onder of in provinciale infrastructuur is gelegd; Langs leiding: een kabel of leiding die parallel aan, boven, onder, op of in provinciale infrastructuur is gelegd; Leiding: een verbinding, vervaardigd van een materiaal zoals staal, beton of kunststof die geschikt is voor het transport van vloeistoffen en gassen; Netbeheerder: eigenaar of wettelijk aangewezen beheerder van een netwerk onder wiens verantwoordelijkheid een kabel of leiding wordt aangelegd, beheerd en gebruikt, waaronder tevens wordt begrepen degene namens wie een vergunning voor het aanleggen van een leiding wordt aangevraagd; Grondroerder: degene onder wiens verantwoordelijkheid of leiding (machinaal) graafwerkzaamheden worden verricht; Mantelbuis: beschermingsbuis rondom een kabel of leiding; Richtlijnen vaarwegen: de vigerende richtlijnen van de Rijksoverheid voor het ontwerpen en inrichten van vaarwegen; Recreatief seizoen: de periode van 1 mei tot 1 oktober; Vergunning: een vergunning als bedoeld in de geldende Omgevingsverordening provincie Utrecht; Wibon: Wet informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken. Deze wet schrijft de wijze van informatie-uitwisseling tussen netbeheerders en grondroerders voor.

Rechtspraak bij dit artikel