Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Maatstaf van heffing en belastingtarief

Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van forensenbelasting Maasgouw 2024

1.. De belasting bedraagt € 180,00 per woning. 2.. Als de woning een waarde in het economische verkeer heeft van meer dan € 50.000,00 wordt de belasting genoemd in het eerste lid verhoogd met € 323,00. 3.. Voor de toepassing van het tweede lid wordt de waarde bepaald naar de heffingsmaatstaf voor de onroerende-zaakbelastingen zoals die voor het belastingobject waarvan de woning deel uitmaakt, voor het tijdvak waarbinnen het belastingjaar valt, is vastgesteld. 4.. In afwijking van het vorige lid wordt de belasting geheven naar de waarde, indien de heffingsmaatstaf voor de onroerende-zaakbelastingen voor het belastingobject waarvan de woning deel uitmaakt voor het belastingjaar is vastgesteld met toepassing van artikel 16, onderdeel e, van de Wet waardering onroerende zaken. 5.. In geval geen heffingsmaatstaf voor de onroerende-zaakbelastingen is vastgesteld, wordt de belasting geheven naar de waarde. 6.. De vaststelling van de waarde bedoeld in het vierde en vijfde lid geschiedt overeenkomstig de artikelen 220 tot en met 220d van de Gemeentewet, met dien verstande dat daarbij artikel 16, onderdeel e, van de Wet waardering onroerende zaken niet wordt toegepast.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel