De gemeente verkoopt de (bouwrijpe) grond aan individuele woonwagenbewoners (kopers) of aan een woningcorporatie. De corporatie kan de grond verhuren aan woonwagenbewoners met huurwoonwagen.
Verkoop van gronden door de gemeente moet aan een aantal eisen voldoen:
Voorafgaand aan de overdracht is de verkoop openbaar bekend gemaakt, zodat iedereen er kennis van kan nemen.
We verkopen alleen standplaatsen aan mensen die hier op basis van de toewijzingsverordening voor in aanmerking komen. Zijn er meer gegadigden die vanuit de lijst met standplaatszoekenden in aanmerking komen voor de standplaats, dan wordt gehandeld volgens het gelijkheidsbeginsel, zodat iedereen gelijke kansen heeft op de koop. De beschikbaarheid, selectieprocedure, het tijdschema en de selectiecriteria dienen voor iedereen inzichtelijk te zijn, waarbij de selectiecriteria objectief, toetsbaar en redelijk moeten zijn. Vooral bij onderhandse verkopen is dit belangrijk. De opgestelde beleidsstukken, eventueel aangevuld met specifieke voorwaarden voor de betreffende locatie, helpen bij het maken van toewijzingskeuzes en zorgen ervoor dat de gemeente naar vertrouwen kan handelen. Alle belanghebbenden (gemeente, standplaatszoekenden, derden, etc.) zijn gebaat bij een transparant verdeelsysteem van schaarse woonwagenstandplaatsen.
In de toewijzingsverordening wordt aangegeven welke uitzonderingen gelden op deze verordening. Uitzonderlijke gevallen kunnen worden voorgelegd aan het college via de hardheidsclausule die opgenomen wordt in de toewijzingsverordening.
Door de ongelijke behandeling van woonwagenbewoners door banken, waarbij woonwagenbewoners alleen een hypotheek kunnen krijgen bij de Rabobank op basis van een maximale NHG-norm die onvoldoende hoog is voor het kopen van een volledig ingerichte standplaats c.q. woonwagen, wordt de gemeente gedwongen de grond voor een lagere prijs te verkopen dan een grondprijs o.b.v. een reguliere taxatie. Hierdoor moeten wij afwijken van de Grondprijzennota.
Tijdens het VNG-congres in juni jl. zijn twee moties unaniem aangenomen. De moties hebben als doel om de financiële haalbaarheid van het kopen van een standplaats en woonwagen te verbeteren. De ene motie pleit voor een verhoging van de NHG-norm voor woonwagens en standplaatsen en de andere motie stelt voor om startersleningen ook beschikbaar te maken voor woonwagen. Hierdoor worden energiezuinige (dus duurzame) woonwagens ook voor hen bereikbaar.
De gemeente regelt het bestemmingsplan en verkoopt de bouwrijpe grond op basis van de kosten voor het bouwrijp opleveren van een standplaats in combinatie met een vastgesteld maximumbedrag, afhankelijk van de NHG-norm. Inrichting als standplaats is voor rekening van de nieuwe eigenaar.
Hoofdstuk 5. › Paragraaf 5.3
Artikel 5.3.a
Grondverkoop
Onderdeel van Woonwagen- en standplaatsenbeleid