**1..** De belasting wordt geheven naar de heffingsmaatstaf voor de onroerende-zaakbelastingen zoals die voor het belastingobject waarvan de woning deel uitmaakt, voor het kalenderjaar waarbinnen het belastingjaar valt, is vastgesteld.
**2..** In geval geen heffingsmaatstaf voor de onroerende-zaakbelastingen is vastgesteld, wordt de belasting geheven naar de waarde met dien verstande dat indien de gemeubileerde woning deel uitmaakt van belastingobject dat is gewaardeerd met toepassing van artikel 16, onderdeel e, van de Wet waardering onroerende zaken, een vast bedrag in rekening wordt gebracht.
**3..** De vaststelling van de waarde bedoeld in het tweede lid geschiedt in overeenstemming met de artikelen 220 tot en met 220d van de Gemeentewet.
**4..** De forensenbelasting bedraagt per jaar voor een in artikel 1 bedoelde gemeubileerde woning en
die deel uitmaakt van een belastingobject waarvan de waarde in het economisch verkeer is vastgesteld met toepassing van artikel 16, onderdeel e, van de Wet waardering onroerende zaken € 214,00;
waarvan de waarde in het economisch verkeer niet is vastgesteld met toepassing van artikel 16, onderdeel e, van de Wet waardering onroerende zaken met een waarde in het economisch verkeer en waarvan de waarde in het economisch verkeer
Minder dan € 20.000
€ 214,00
€ 20.000 of meer doch minder dan € 40.000
€ 293,60
€ 40.000 of meer doch minder dan € 80.000
€ 390,50
€ 80.000 of meer
€ 889,00
Artikel 4
Maatstaf van heffing en belastingtarief
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van een forensenbelasting 2024