In afwijking van artikel 5.53 Algemene wet bestuursrecht wordt de inburgeringspichtige in de gelegenheid gesteld zijn zienswijze mondeling dan wel schriftelijk naar voren te brengen binnen een door het college gestelde termijn, ongeacht de hoogte van de bestuurlijke boete, die op grond van de overtreding kan worden opgelegd.
Artikel 3.