Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.7

Toetsingscriteria

Onderdeel van Standplaatsenbeleid 2023 Gemeente Lopik

De APV geeft een aantal toetsingscriteria voor de beoordeling van aanvragen voor standplaatsen. De toetsingscriteria worden in deze paragraaf beschreven en aangevuld, zijn op alle standplaatsen van toepassing. Richtlijnen uit de APV en mogelijkheid tot afwijken beleid Verlening standplaatsvergunning Voor het in gebruik nemen van een standplaats is een vergunning nodig van het college van burgemeester en wethouders. Deze vergunning wordt aangevraagd bij de gemeente Lopik en wordt afgehandeld binnen de in de APV gestelde termijn. Een vergunning wordt slechts verleend indien wordt voldaan aan de in dit beleid opgenomen uitgangspunten. In bijzondere gevallen kan het college afwijken van dit beleid. De standplaatsvergunning is persoonsgebonden. Dit betekent dat slechts de natuurlijke persoon vermeld op de standplaatsvergunning gerechtigd is de standplaats in te nemen. Deze natuurlijke persoon dient de standplaats ook altijd zelf in te nemen. De standplaatsvergunning is, op de hierna beschreven uitzonderingen na, niet overdraagbaar. Uitzonderingen op persoonsgebonden karakter Bij afwezigheid wegens langdurige ziekte mag de vergunninghouder zich tijdens de duur van de ziekte laten vervangen voor een termijn van maximaal 13 weken, gerekend vanaf de eerste dag van afwezigheid op de standplaats. Vervanging is pas toegestaan na schriftelijke toestemming van het college. Indien het college niet binnen 1 week na het verzoek reageert, dan mag ervan worden uitgegaan dat toestemming is verleend. Indien de vergunninghouder overlijdt, kan het college de vergunning overschrijven op de achterblijvende echtgenoot/echtgenote of geregistreerde partner, of een van de meewerkende kinderen, als daarvoor een aanvraag binnen 8 weken na het overlijden wordt ingediend. De aanvrager dient uiteraard aan de gestelde criteria te voldoen. De standplaatshouder kan de standplaats verkopen aan een personeelslid, mits het personeelslid aan de gestelde criteria voldoet. Procedure afhandeling vergunningaanvragen Alle beschikbare standplaatsen in de gemeente Lopik worden gepubliceerd in het lokale huis-aan-huisblad en/of de gemeentelijke website. Met de inwerkingtreding van het standplaatsenbeleid is er sprake van een maximumstelsel voor wat betreft het innemen van standplaatsen in de gemeente Lopik. Standplaatsen die vrijkomen, worden gepubliceerd in het lokale huis-aan-huisblad zodat geïnteresseerden hierop kunnen reageren. Bij meerdere geïnteresseerden wordt er geloot. Indien er binnen de gestelde termijn geen reactie komt op een publicatie, kan de vergunning worden verleend aan degene die hier als eerste een aanvraag voor doet. Er wordt geen wachtlijst bijgehouden. Standplaatshouders krijgen een standplaatsvergunning voor onbepaalde tijd. Indien een standplaatshouder niet meer van zijn vergunning gebruik wil maken dient de vergunning schriftelijk opgezegd worden. De standplaatshouder heeft een opzegtermijn van twee kalendermaanden. Het college kan een standplaatsvergunning opzeggen met een opzegtermijn van een jaar. Indien er geen locaties beschikbaar zijn wordt de aanvraag afgewezen. Aanvullende voorschriften De maximale omvang van een verkoopwagen inclusief uitstalling is afhankelijk van de ruimte die een locatie biedt. De richtlijn is 20 m2. De omvang wordt aangegeven in de vergunning. Standplaatsen komen niet in aanmerking voor een terrasvergunning. Terrasvergunningen zijn voorbehouden aan horecagelegenheden; De standplaatshouder dient te voldoen aan de eisen van de Warenwet; De standplaatshouder dient zich te houden aan de Winkeltijdenwet en de Winkeltijdenverordening Lopik. Hij/zij mag vanaf een half uur voor opening tot een half uur na sluiting op de standplaats aanwezig zijn om deze in te richten; De verkoopwagens dienen op eerste aanzegging, van de bevoegde medewerker, van de gemeente of politie verwijderd te worden indien omstandigheden daartoe aanleiding geven; Per natuurlijk persoon wordt per week, per branche en per locatie één standplaatsvergunning verleend, met uitzondering van donderdagmorgen op het Koning Willem-Alexanderplein in Lopik. Dit betekent dat een standplaatshouder op donderdagmorgen en op één andere dag in de week op het Willem-Alexanderplein ter plaatse bereid voedsel kan verkopen. De natuurlijke persoon mag de standplaats niet onderverhuren en dient zelf het grootste deel van de dag aanwezig te zijn op de standplaats. Hiervoor kan bij langdurige ziekte een uitzondering worden gemaakt, mits vervanging plaatsvindt door voldoende gekwalificeerd personeel; De standplaats dient na afloop van de vergunning schoon en in oorspronkelijke staat opgeleverd te worden. Innemen standplaats De standplaats dient te worden ingenomen met een mobiele verkoopinrichting, dan wel kraam die aan het einde van de verkooptijd van die dag wordt verwijderd en mag alleen gedurende de tijden weergegeven in de standplaatsenvergunning geopend zijn voor verkoop. De standplaats mag een half uur voor opening tot een half uur na sluiting worden ingericht. Veiligheid Brandveiligheid: op een afstand van minder dan vijf meter vanaf bebouwing mag geen standplaats worden ingenomen in verband met gevaar voor overslag van brand in het geval dat brand op de standplaats ontstaat. Mogelijkheden voor uitzonderingen op deze regel worden door de brandweer beoordeeld. Sociale veiligheid: in het belang van de sociale veiligheid dient de openbare ruimte open en controleerbaar te zijn. Een standplaats mag daarom niet op een zodanige locatie worden gesitueerd dat aan deze uitgangspunten afbreuk wordt gedaan Voorkomen of beperken van overlast In het kader van de Wet Milieubeheer mag in de directe nabijheid van woonbebouwing of andere zogenaamde gevoelige gebouwen, zoals een medisch centrum, niet gefrituurd, gebakken of gebraden worden. Ongehinderde doorgang van het verkeer of verkeersveiligheid Kramen e.d. mogen een vlotte doorstroom van voetgangers niet beletten. Ook gehandicapten in rolstoelen, scootmobielen etc. dienen voldoende doorgang te behouden ondanks de aanwezigheid van standplaatsen. Een standplaats mag geen verkeer- of parkeerhinder tot gevolg hebben. Standplaatsen mogen voorts geen verkeersgevaarlijke situaties opleveren doordat zij bijvoorbeeld het zicht op naderend verkeer ontnemen. Bij de bepaling van de locaties voor standplaatsen wordt bovendien rekening gehouden met de toegankelijkheid voor hulpverleningsdiensten ingeval van calamiteiten. Kabels, leidingen, rioolputten e.d. dienen bereikbaar te zijn ten behoeve van reparatie of onderhoud. Voorzieningen ten behoeve van standplaatsen Afhankelijk van het soort standplaats dat op een bepaalde locatie gesitueerd wordt, kunnen eventueel (nuts)voorzieningen worden aangebracht. De gemeente beslist per locatie of zij een voorziening aanlegt of niet. Op het plein in het centrum van Lopik is elektriciteit aanwezig. Standplaatsen op privaatterrein van een andere rechthebbende dan de gemeente Standplaatsen op privaatterrein maken deel uit van het standplaatsenbeleid. Afbakening Deze notitie beperkt zich tot de standplaatsen als bedoeld in hoofdstuk 5, afdeling 4 van de APV. Een streekproductenmarkt, kiosken en standplaatsen op een jaarmarkt of tijdens een evenement vallen buiten het bereik van het Standplaatsenbeleid. Indien aan dit soort zaken behoefte bestaat kan daarvoor een (incidentele) evenementenvergunning aangevraagd worden. Verder is het verboden zonder vergunning een standplaats in te nemen niet van toepassing voor zover daar in voorzien wordt door de Wet Milieubeheer, de Wet beheer rijkswaterstaatwerken of het Provinciaal wegenreglement (artikel 5:20, eerste lid, van de APV.)

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel