De voorzitter zendt ten minste zeven dagen voor een
vergadering de leden een schriftelijke oproep onder
vermelding van de dag, het tijdstip en de plaats van de
vergadering.
De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met
uitzondering van de in artikel 86, eerste en tweede lid, van
de Gemeentewet bedoelde stukken, worden zo mogelijk
tegelijkertijd met de schriftelijke oproep aan de leden
verzonden.
Indien een aanvullende agenda wordt vastgesteld als bedoeld
in artikel 12, eerste lid, worden deze agenda en de daarop
vermelde voorstellen of onderwerpen zo spoedig mogelijk,
doch uiterlijk 48 uur voor aanvang van de vergadering aan de
leden gezonden.
HOOFDSTUK 4 › Paragraaf 1
Artikel 11
- Oproep
Onderdeel van verordening op de raadscommissies 2010-2014