Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3:2

Regels

Onderdeel van Nadere regels vrijgestelde voorwerpen op grond van 2.10b van de APV

1.. Uitstallingen worden vooraf gemeld aan het college door middel van het daarvoor bestemde formulier. 2.. Uitstallingen worden enkel geplaatst vóór en direct tegen de eigen bedrijfsgevel of binnen de gevellijn van het bedrijf. 3.. Uitstallingen hebben een maximale diepte van 1 meter. 4.. Uitstallingen zijn alleen aanwezig op tijden dat het in dat pand gevestigde bedrijf voor publiek geopend is. 5.. Uitstallingen zijn direct verplaatsbaar. 6.. Uitstallingen zijn van een deugdelijke constructie en leveren geen gevaar op voor de weggebruikers. 7.. Uitstallingen of het beoogde gebruik daarvan vormen geen hinder of overlast voor de gebruikers van de in de nabijheid gelegen onroerende zaken. 8.. Uitstallingen brengen geen schade toe aan de weg en vormen geen belemmering voor het doelmatige en veilige gebruik van de weg en het doelmatige beheer en onderhoud van de weg. 9.. Kabels en dergelijke behorende bij uitstallingen dienen op zodanige wijze te zijn weggewerkt of afgewerkt dat deze geen gevaar, hinder of overlast opleveren voor het verkeer.

Rechtspraak bij dit artikel