Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 5:2

Regels

Onderdeel van Nadere regels vrijgestelde voorwerpen op grond van 2.10b van de APV

1.. Ophangen is alleen mogelijk nadat daarvan in ieder geval 2 weken van tevoren melding is gedaan aan het college door middel van het daarvoor bestemde formulier. 2.. Spandoeken worden niet aan bruggen gehangen. 3.. Spandoeken worden niet boven de rijweg opgehangen. Een uitzondering hierop wordt gemaakt voor de campagne ‘De scholen zijn weer begonnen’. 4.. Voor de campagne ‘De scholen zijn weer begonnen’ geldt dat spandoeken alleen boven de rijweg mogen worden gehangen in een 30 km/u zone in de buurt van een school en wanneer zij minimaal 4.50 meter boven de weg hangen. 5.. Spandoeken worden opgehangen gedurende een periode van maximaal 14 opeenvolgende dagen. Een uitzondering hierop wordt gemaakt voor de campagne ‘De scholen zijn weer begonnen’. 6.. Voor de campagne ‘De scholen zijn weer begonnen’ geldt dat spandoeken worden opgehangen gedurende een periode van maximaal 14 dagen voor het begin van het schooljaar tot maximaal 14 dagen na het begin van het schooljaar. 7.. Spandoeken zijn van dusdanig materiaal gemaakt en met zodanig materiaal bevestigd dat ze niet los kunnen raken. 8.. Spandoeken mogen het verkeer (o.a. voetgangers) niet zodanig hinderen en het uitzicht van verkeersdeelnemers niet zodanig belemmeren, dat daardoor verkeersvrijheid en -veiligheid in gevaar wordt gebracht.

Rechtspraak bij dit artikel