**1..** Het is verboden zonder vergunning van het college een standplaats in te nemen of te hebben.
**2..** Het college kan nadere regels stellen aan het innemen van een standplaats.
**3..** Het college weigert de vergunning wegens strijd met het omgevingsplan.
**4..** Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 en het derde lid kan de vergunning worden geweigerd:
in het belang van de verkeersvrijheid of verkeersveiligheid;
indien de standplaats hetzij op zichzelf hetzij in verband met de omgeving niet voldoet aan redelijke eisen van welstand;
indien een kwantitatieve of territoriale beperking als gevolg van bijzondere omstandigheden in de gemeente of in een deel van de gemeente noodzakelijk is in verband met een dwingende reden van algemeen belang.
**5..** Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door de Wet milieubeheer, de Wet beheer rijkswaterstaatswerken of het Provinciaal wegenreglement.
**6..** Het college kan, onverminderd het bepaalde in artikel 1:8, de vergunning intrekken indien:
de standplaatshouder in geval van ziekte de standplaats gedurende de resterende looptijd van de vergunning niet meer zal innemen;
de standplaatshouder zich schuldig maakt aan wangedrag of bedrog;
de standplaatshouder gedurende een periode van twee achtereenvolgende maanden geen gebruik heeft gemaakt van de vergunning.
**7..** De vergunning voor een standplaats vervalt:
twee maanden na overlijden of onder curatelestelling van de standplaatshouder;
indien de standplaatshouder niet meer voldoet aan één of meer van de gestelde eisen;
op verzoek van de standplaatshouder.
**8..** Op aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.
Hoofdstuk 5.
Artikel 5:18
Standplaatsvergunning en weigeringsgronden
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening gemeente Heiloo 2023