**1..** De burgemeester kan de vergunning intrekken:
indien blijkt dat de vergunning ten gevolge van een onjuiste of onvolledige opgave is verleend;
indien de omstandigheden of inzichten op grond waarvan de vergunning is afgegeven zodanig zijn gewijzigd dat een situatie is ontstaan als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onder g;
indien gehandeld wordt in strijd met aan de vergunning verbonden voorschriften en beperkingen;
indien niet binnen zes maanden na verlening van de vergunning wordt gestart met de exploitatie van een speelautomatenhal, dan wel indien de exploitatie van een speelautomatenhal voor een periode van langer dan zes maanden wordt onderbroken.
Hoofdstuk 2
Artikel 8
Intrekkingsgronden
Onderdeel van Speelautomatenhalverordening Dijk en Waard 2023