Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 › Afdeling 4.1

Artikel 4.2

Aanwijzing als gemeentelijk monument

Onderdeel van Verordening fysieke leefomgeving gemeente Medemblik 3e tranche

1.. Burgemeester en wethouders kunnen een monument of archeologisch monument dat van bijzonder belang is voor de gemeente vanwege zijn schoonheid, betekenis voor de wetenschap of cultuurhistorische waarde aanwijzen als gemeentelijk monument of als gemeentelijk archeologisch monument. 2.. Burgemeester en wethouders zenden het voornemen tot aanwijzing voor advies aan de Adviescommissie ruimtelijke kwaliteit als bedoeld in artikel 3.6 van deze verordening. 3.. Burgemeester en wethouders maken een voornemen tot aanwijzing schriftelijk bekend aan alle zakelijke gerechtigden op de onroerende zaak voor zover die vermeld staan in de openbare registers als bedoeld in artikel 8 van de Kadasterwet. 4.. Onverminderd het bepaalde in lid 2 en 3 wordt bij een kerkelijk monument over het voornemen tot aanwijzing overleg gevoerd met de eigenaar. 5.. De aanwijzing bevat in ieder geval de plaatselijke aanduiding van het gemeentelijke monument, de datum van aanwijzing, de kadastrale aanduiding en een beschrijving van het gemeentelijke monument. 6.. Dit artikel is niet van toepassing op: rijksmonumenten en rijks archeologische monumenten, die zijn aangewezen op grond van artikel 3.1 van de Erfgoedwet; en provinciale monumenten en provinciale archeologische monumenten, die zijn aangewezen op grond van de Omgevingsverordening NH2020.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel